Van welk land is de wetgeving van toepassing?

Kroatië
Inhoud aangereikt door
European Judicial Network
Europees justitieel netwerk (in burgerlijke en handelszaken)

1 Bronnen van geldend recht

1.1 Regels van nationaal recht

In de Republiek Kroatië is het internationaal recht geregeld in de wet betreffende het internationaal privaatrecht (in het Kroatisch: Zakon o međunarodnom privatnom pravu, hierna de “ZMPP” genoemd) [Narodne novine (Staatscourant van de Republiek Kroatië), nummer 101/17], die op 29 januari 2019 in werking is getreden. De ZMPP regelt het recht dat van toepassing is op privaatrechtelijke betrekkingen met internationale aspecten, de bevoegdheid van rechtbanken en andere Kroatische instanties in het kader van privaatrechtelijke betrekkingen met internationale aspecten en het reglement voor de procesvoering, de erkenning en gedwongen uitvoering van rechterlijke beslissingen. De ZMPP is van toepassing op privaatrechtelijke betrekkingen met internationale aspecten die niet al worden geregeld door juridisch bindende instrumenten van de Europese Unie, internationale verdragen die van kracht zijn in Kroatië, en andere wetten die van kracht zijn in Kroatië.

1.2 Geldende multilaterale verdragen

Verdrag betreffende de burgerlijke rechtsvordering, Den Haag 1954;

Verdrag inzake de wetsconflicten betreffende de vorm van testamentaire beschikkingen, Den Haag 1961;

Verdrag inzake de wet welke van toepassing is op verkeersongevallen op de weg, Den Haag 1971;

Verdrag inzake de wet welke van toepassing is op de aansprakelijkheid wegens producten, Den Haag 1973.

1.3 De belangrijkste bilaterale verdragen

De Republiek Kroatië is krachtens een verklaring van voortgezette gebondenheid partij bij meerdere internationale bilaterale verdragen, zoals verdragen inzake wederzijdse rechtshulp, consulaire overeenkomsten, handels- een scheepvaartverdragen. Met een aantal landen zijn verdragen inzake wederzijdse rechtshulp gesloten, die tevens een regeling voor de oplossing van wetsconflicten bevatten:

het Verdrag met Oostenrijk inzake uitwisseling van juridische informatie van 1954, Wenen, 16 december 1954;

het Verdrag met Bulgarije inzake wederzijdse rechtshulp van 1956, Sofia, 23 maart 1956;

het Verdrag met de Republiek Tsjechië tot regeling van de rechtsbetrekkingen in burgerlijke, familie- en strafzaken Belgrado, 20 januari 1964;

het Verdrag met Griekenland inzake uitwisseling van juridische informatie van 1959, Athene, 18 juni 1959;

het Verdrag met Hongarije inzake uitwisseling van juridische informatie van 1968.

2 Toepassing van de conflictregels

2.1 Ambtshalve toepassing van de conflictregels

In het geval van rechtskwesties met een internationaal element passen de rechtbanken het internationaal privaatrecht op drie manieren toe, namelijk op grond van: conflictregels, voorrangsregels en speciale materiële regels.

2.2 Renvoi (herverwijzing, verderverwijzing)

Volgens artikel 9 van de ZMPP wil toepassing van het recht van een staat die in die wet wordt genoemd, zeggen dat de rechtsregels die van kracht zijn in die staat worden gevolgd, behalve de regels over de rechtskeuze.

2.3 Wijziging aanknopingspunt

Verandering van staat doet zich voor wanneer de feiten waarop het aanknopingspunt is gebaseerd, veranderen tijdens een rechtsbetrekking, wat een verandering van het toepasselijk recht kan inhouden. Hoewel dezelfde conflictregel van toepassing blijft, zijn er nu andere omstandigheden waarop het aanknopingspunt is gebaseerd. Van dit soort situaties is alleen sprake wanneer het toepasselijk recht wordt bepaald op grond van veranderlijke aanknopingspunten en niet op grond van permanente aanknopingspunten.

In artikel 21 van de ZMPP is bepaald dat verkrijging of verlies van een al gevestigd zakelijk recht op een zaak die wordt verplaatst naar een andere staat, wordt geregeld door het recht op grond waarvan dat zakelijke recht is verkregen. De aard en de inhoud van dat recht zijn onderworpen aan het toepasselijk recht van de staat waar de zaak zich bevindt. Als er geen zakelijk recht is gevestigd op de zaak die van de ene naar de andere staat wordt overgebracht, worden de feiten in die andere staat in aanmerking genomen voor de verkrijging of intrekking van dat recht.

2.4 Niet-toepassing van conflictregels in uitzonderingsgevallen

Het op grond van de ZMPP toepasselijke recht is bij wijze van uitzondering niet van toepassing als uit alle omstandigheden duidelijk blijkt dat de privaatrechtelijke betrekking slechts een verwaarloosbaar aanknopingspunt met dat recht biedt, en dat er een nauwe relatie is met het recht van een andere staat. (artikel 11)

De op grond van de ZMPP toepasselijke rechtsnormen van een buitenlandse staat worden niet toegepast als toepassing ervan duidelijk in strijd zou zijn met de openbare orde van Kroatië. (artikel 12)

Ongeacht andere bepalingen van de ZMPP, kan de rechtbank een bepaling van het Kroatisch recht toepassen die zo belangrijk voor de bescherming van het algemeen belang van Kroatië wordt beschouwd, zoals de politieke, sociale en economische organisatie van het land, dat zij geldt voor alle situaties binnen de werkingssfeer ervan, welk recht ook van toepassing is. Als de uitvoering van een bepaalde verplichting geheel of gedeeltelijk in strijd is met een bepaling van het recht van de andere staat waarin die verplichting moet worden uitgevoerd, kan de rechtbank die bepaling toepassen. In zijn beslissing over de vraag of die bepaling moet worden toegepast, houdt de rechtbank rekening met de aard en het doel ervan en met de gevolgen van een beslissing om de bepaling wel of niet toe te passen. (artikel 13)

2.5 Vaststelling van de inhoud van buitenlands recht

Een rechtbank of andere instantie in Kroatië stelt de inhoud van het recht van de buitenlandse staat ambtshalve vast. Het recht van de buitenlandse staat is van toepassing zoals het in die staat wordt uitgelegd. De rechtbank of een andere instantie in Kroatië kan het ministerie van Justitie, een andere instantie, een deskundige of gespecialiseerde instelling vragen om advies over de inhoud van het recht van de buitenlandse staat. De partijen kunnen openbare of onderhandse documenten over de inhoud van het recht van de buitenlandse staat overleggen. Als de inhoud van het buitenlandse recht niet op een van deze manieren kan worden vastgesteld, is het Kroatisch recht van toepassing. (artikel 8)

3 De conflictregels

3.1 Contractuele verbintenissen en rechtshandelingen

Het recht dat van toepassing is op contractuele verbintenissen, wordt bepaald door Verordening (EG) nr. 593/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 17 juni 2008 inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst (“Rome I”) binnen de werkingssfeer ervan.

Het recht dat van toepassing is op contractuele verbintenissen buiten de werkingssfeer van Rome I en waarvan het toepasselijk recht niet wordt bepaald door het recht van een andere staat of een internationaal verdrag dat van kracht is in Kroatië, wordt bepaald volgens de bepalingen van Rome I die gelden voor die contractuele verbintenissen.

3.2 Niet-contractuele verbintenissen

Het recht dat van toepassing is op niet-contractuele verbintenissen wordt bepaald door Verordening (EG) nr. 864/2007 van het Europees Parlement en de Raad van 11 juli 2007 betreffende het recht dat van toepassing is op niet-contractuele verbintenissen (“Rome II”) binnen de werkingssfeer ervan.

Het recht dat van toepassing is op niet-contractuele verbintenissen buiten de werkingssfeer van Rome II en waarvan het toepasselijk recht niet wordt bepaald door het recht van een andere staat of een internationaal verdrag dat van kracht is in Kroatië, wordt bepaald volgens de bepalingen van Rome II die gelden voor niet-contractuele verbintenissen.

Het recht dat van toepassing is op niet-contractuele verbintenissen in verband met verkeersongevallen, wordt bepaald door het Verdrag van Den Haag van 4 mei 1971 inzake het recht dat van toepassing is op verkeersongevallen.

Het recht dat van toepassing is op de productaansprakelijkheid van fabrikanten, wordt bepaald door het Verdrag van Den Haag van 2 oktober 1973 inzake het recht dat van toepassing is op de aansprakelijkheid voor producten met gebreken.

3.3 De burgerlijke staat van personen (naam, woonplaats, handelingsbekwaamheid)

Het recht dat van toepassing is op de rechts- en handelingsbekwaamheid van een natuurlijke persoon, is het recht van de staat waarvan hij onderdaan is. Bij verandering van nationaliteit gaat iemands handelingsbekwaamheid niet verloren.

Het recht dat van toepassing is op de naam en voornaam van een natuurlijke persoon is het recht van de staat waarvan hij onderdaan is.

Als het huwelijk is voltrokken in Kroatië, kunnen de echtgenoten de familienaam bepalen volgens het recht van de staat waarvan een van hen onderdaan is of, als ten minste een van hen gewoonlijk in Kroatië verblijft, volgens Kroatisch recht.

De wettelijke vertegenwoordigers kunnen bij het register van de burgerlijke stand de naam en voornaam van het kind bepalen volgens het recht van de staat waarvan een van hen onderdaan is of, als ten minste een van hen gewoonlijk in Kroatië verblijft, volgens Kroatisch recht.

3.4 Afstamming en adoptie

Het recht dat van toepassing is op de betrekkingen tussen ouders en hun kinderen, wordt bepaald volgens het Verdrag van 1996 inzake de bevoegdheid, het toepasselijke recht, de erkenning, de tenuitvoerlegging en de samenwerking op het gebied van ouderlijke verantwoordelijkheid en maatregelen ter bescherming van kinderen. (Verdrag van Den Haag van 1996).

Het recht dat van toepassing is op de betrekkingen tussen ouders en hun kinderen die buiten de werkingssfeer van het Verdrag van Den Haag van 1996 vallen en waarvoor het toepasselijk recht niet wordt bepaald door het recht van een andere staat of een internationaal verdrag dat van kracht is in Kroatië, wordt bepaald volgens de bepalingen van het Verdrag van Den Haag van 1996 die gelden voor die betrekkingen.

Het recht dat van toepassing is op de vaststelling of aanvechting van het moederschap of vaderschap bij instelling van een procedure is:

1. het recht van het land waar het kind gewoonlijk verblijft; of

2. als het belang van het kind daarmee is gediend, het recht van de staat waarvan het kind onderdaan is, of het recht van de staat waarvan degene van wie het moeder- of vaderschap wordt vastgesteld of aangevochten, onderdaan is.

Het recht dat van toepassing is op de erkenning van het moeder- of vaderschap is:

1. het recht van de staat waarvan het kind onderdaan is of het recht van de staat waar het kind gewoonlijk verblijft ten tijde van de erkenning; of

2. het recht van de staat waarvan degene die het moeder- of vaderschap erkent, onderdaan is of het recht van de staat waar die persoon gewoonlijk verblijft ten tijde van de erkenning.

3.4.1 Afstamming

Het toepasselijk recht voor de procedure voor adoptie of voor herroeping van adoptie is dat van de staat waarvan de adoptant en de geadopteerde onderdaan zijn.

Als de adoptant een andere nationaliteit heeft dan de geadopteerde, wordt het recht voor de procedure voor adoptie en herroeping van adoptie van de respectieve rechtsstelsels van beide staten cumulatief toegepast.

In het geval van gezamenlijke adoptie door adoptanten met dezelfde nationaliteit is voor adoptie of herroeping van adoptie, naast het recht van de staat waarvan de geadopteerde burger is, ook het recht van toepassing van de staat waarvan beide adoptanten onderdaan zijn. Als zij ten tijde van de adoptie niet dezelfde nationaliteit hebben, is het toepasselijk recht dat van de staat waarin zij gewoonlijk samen verblijven. Als zij ten tijde van de adoptie geen gewone gezamenlijke verblijfplaats hebben, is het toepasselijk recht dat van de staat waarvan zij onderdaan zijn.

De gevolgen van de adoptie worden beheerst door het recht van de staat waarvan de adoptant en de geadopteerde ten tijde van de adoptie onderdaan zijn. Als zij ten tijde van de adoptie niet dezelfde nationaliteit hebben, is het toepasselijk recht dat van de staat waarin zij gewoonlijk samen verblijven. Indien zij ten tijde van de adoptie geen gewone gezamenlijke verblijfplaats hebben, is het recht van Kroatië van toepassing als een van hen een Kroatische staatsburger is. Indien noch de adoptant noch de geadopteerde onderdaan is van de Republiek Kroatië, is het recht van de staat waarvan de geadopteerde onderdaan is van toepassing.

Indien de adoptie in de lidstaat van oorsprong van het kind niet als gevolg heeft dat de bestaande rechtsbetrekking tussen ouder en kind wordt beëindigd, kan de adoptie bij wijze van uitzondering worden omgezet in een adoptie die dat gevolg wel heeft, als de bevoegde personen, instellingen of instanties die de adoptie moeten goedkeuren, daarmee hebben ingestemd, en als het belang van het kind daarmee is gediend.

Als toepassing van het buitenlands recht (op grond van het voorgaande) niet in het belang van het kind is en als de geadopteerde of de adoptant(en) duidelijk nauw verbonden zijn met Kroatië, is het Kroatisch recht van toepassing.

3.5 Huwelijk, ongehuwd samenwonen en geregistreerd partnerschap, echtscheiding, scheiding van tafel en bed, onderhoudsverplichtingen

3.5.1 Huwelijk

De voorwaarden voor huwelijken die in Kroatië worden voltrokken, vallen voor elke persoon onder het recht van de staat waarvan die persoon ten tijde van de huwelijksvoltrekking onderdaan is. Een huwelijk kan niet worden voltrokken als dat duidelijk in strijd zou zijn met de openbare orde van Kroatië.

Het Kroatisch recht is van toepassing op de vorm van huwelijken die in Kroatië worden aangegaan.

Een in een andere staat voltrokken huwelijk wordt erkend als het in overeenstemming is met het recht van die staat.

Een in een andere staat voltrokken huwelijk tussen twee personen van hetzelfde geslacht wordt als partnerschap erkend, mits het in overeenstemming is met het recht van de staat waar het is aangegaan.

Het recht dat van toepassing is op de geldigheid van het huwelijk, is het recht op grond waarvan het huwelijk is voltrokken.

Het toepasselijk recht voor echtscheidingen is het door de echtgenoten gekozen recht. Zij kunnen een van de volgende rechtsstelsels kiezen:

1. het recht van de staat waarin beide echtgenoten ten tijde van hun keuze hun gewone verblijfplaats hebben;

2. het recht van de staat waarin zij hun laatste gemeenschappelijke gewone verblijfplaats hadden, als een van hen nog gewoonlijk in die staat verblijft;

3. het recht van de staat waarvan ten minste een van hen onderdaan is ten tijde van hun keuze; of

4. Kroatisch recht.

De echtgenoten leggen hun rechtskeuze schriftelijk vast. Zij kunnen hun keuze maken of wijzigen tot en met de datum van inleiding van de echtscheidingsprocedure.

Als de echtgenoten geen toepasselijk recht kiezen (op grond van artikel 36 van de ZMPP), valt de echtscheiding onder:

1. het recht van de staat waarin beide echtgenoten bij aanvang van de echtscheidingsprocedure hun gewone verblijfplaats hebben; of

2. het recht van de staat waarin zij hun laatste gemeenschappelijke gewone verblijfplaats hadden, als een van hen nog gewoonlijk in die staat verblijft; of

3. het recht van de staat waarvan zij bij aanvang van de echtscheidingsprocedure onderdaan zijn; of

4. Kroatisch recht.

3.5.2 Ongehuwd samenwonen en geregistreerd partnerschap

Het toepasselijk recht voor het aangaan en beëindigen van een geregistreerd partnerschap in Kroatië is het Kroatisch recht.

Een in een andere staat aangegaan geregistreerd partnerschap tussen twee personen van hetzelfde geslacht wordt in Kroatië als partnerschap erkend, mits het in overeenstemming met het recht van die staat is aangegaan.

Het recht dat van toepassing is op het aangaan en beëindigen van partnerschappen, is dat van de staat waarmee de nauwste band bestaat of, als die er niet meer is, bestond.

3.5.3 Echtscheiding en scheiding van tafel en bed

Het toepasselijk recht voor echtscheidingen is het door de echtgenoten gekozen recht. Zij kunnen een van de volgende rechtsstelsels kiezen:

1. het recht van de staat waarin beide echtgenoten ten tijde van hun keuze hun gewone verblijfplaats hebben;

2. het recht van de staat waarin zij hun laatste gemeenschappelijke gewone verblijfplaats hadden, als een van hen nog gewoonlijk in die staat verblijft;

3. het recht van de staat waarvan ten minste een van hen onderdaan is ten tijde van hun keuze; of

4. Kroatisch recht.

De echtgenoten leggen hun rechtskeuze schriftelijk vast. Zij kunnen hun keuze maken of wijzigen tot en met de datum van inleiding van de echtscheidingsprocedure.

Als de echtgenoten geen toepasselijk recht kiezen (op grond van artikel 36 van de ZMPP), valt de echtscheiding onder:

1. het recht van de staat waarin beide echtgenoten bij aanvang van de echtscheidingsprocedure hun gewone verblijfplaats hebben; of

2. het recht van de staat waarin zij hun laatste gemeenschappelijke gewone verblijfplaats hadden, als een van hen nog gewoonlijk in die staat verblijft; of

3. het recht van de staat waarvan zij bij aanvang van de echtscheidingsprocedure onderdaan zijn; of

4. Kroatisch recht.

3.5.4 Onderhoudsverplichtingen

Het toepasselijk recht voor onderhoudsverplichtingen wordt bepaald volgens het Haags Protocol van 27 november 2007 inzake het recht dat van toepassing is op onderhoudsverplichtingen

3.6 Huwelijksvermogensrecht

Het toepasselijk recht voor de vermogensrechtelijke betrekkingen tussen de echtgenoten wordt bepaald volgens Verordening (EU) 2016/1103 van de Raad van 24 juni 2016 tot uitvoering van de nauwere samenwerking op het gebied van de bevoegdheid, het toepasselijk recht en de erkenning en tenuitvoerlegging van beslissingen op het gebied van huwelijksvermogensstelsels.

3.7 Erfrecht

Het toepasselijk recht op het gebied van erfrecht wordt bepaald door Verordening (EU) nr. 650/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende de bevoegdheid, het toepasselijk recht, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen en de aanvaarding en de tenuitvoerlegging van authentieke akten op het gebied van erfopvolging, alsmede betreffende de instelling van een Europese erfrechtverklaring (PB L 201 van 27.7.2012).

Het recht dat van toepassing is op de vorm van testamentaire beschikkingen, wordt bepaald volgens het Haags Verdrag van 5 oktober 1961 inzake de wetsconflicten betreffende de vorm van testamentaire beschikkingen.

3.8 Goederenrecht

Het toepasselijk recht voor zakelijke rechten op goederen is dat van de plaats waar de goederen zich bevinden.

3.9 Insolventie

Op het gebied van insolventie is Verordening (EU) 2015/848 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2015 betreffende insolventieprocedures (herschikking) van toepassing.

Laatste update: 11/06/2021

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken EJN-contactpunten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. Het EJN en de Commissie aanvaarden geen enkele verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor informatie of gegevens in dit document of waarnaar in dit document wordt verwezen. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.