Sluiten

BÈTAVERSIE VAN HET PORTAAL NU BESCHIKBAAR!

Bezoek de bètaversie van het Europees e-justitieportaal en vertel ons wat u ervan vindt!

 
 

menu starting dummy link

Page navigation

menu ending dummy link

Insolventie - Italië

INHOUDSOPGAVE

1 Tegen wie kan een insolventieprocedure worden ingesteld?

Er kan een insolventieprocedure worden ingesteld jegens alle ondernemers (natuurlijke of rechtspersonen) die zich in een van de volgende situaties bevinden:

a) activa met een waarde van 300 000 EUR of meer, gedurende de drie jaren voorafgaand aan het verzoek om faillissement of om een akkoord;

a) jaarlijkse bruto inkomsten van 200 000 EUR of meer, gedurende elk van de drie jaren voorafgaand aan het verzoek om faillissement of om een akkoord;

c) 500 000 EUR schulden of meer, op de datum van het verzoek om faillissement of om een akkoord (ongeacht op welke datum deze zijn ontstaan).

2 Wat zijn de voorwaarden om een insolventieprocedure te openen?

a) Een faillietverklaring is alleen mogelijk wanneer de ondernemer insolvent is. Dit kan worden aangevraagd:

- door de schuldenaar;

- door een schuldeiser;

- door het Openbaar Ministerie.

b) Een akkoord ter voorkoming van een faillissement is alleen mogelijk wanneer de ondernemer zich in een crisissituatie bevindt (dat wil zeggen dat hij financiële problemen heeft die niet ernstig genoeg zijn voor insolventie). Dit kan uitsluitend worden aangevraagd door de schuldenaar.

3 Welke goederen behoren tot de insolvente boedel? Hoe worden de goederen behandeld die zijn verworven door of toevallen aan de schuldenaar na de opening van de insolventieprocedure?

De insolvente boedel omvat alle zaken, met uitzondering van:

1) strikt persoonlijke zaken en rechten;

2) uitkeringen voor levensonderhoud, vergoedingen, pensioenen, salarissen en inkomsten uit de activiteit van de schuldenaar, voor zover deze noodzakelijk zijn om te voorzien in zijn behoeften en die van zijn gezin;

3) inkomsten uit het wettelijke vruchtgebruik van de zaken van de kinderen van de schuldenaar, de zaken die het familiespaargeld vormen en de opbrengst hiervan, onverminderd het bepaalde in artikel 170 van het Burgerlijk Wetboek;

4) zaken die krachtens de wet niet voor beslag vatbaar zijn.

De failliete boedel omvat ook alle zaken die de schuldenaar na de inleiding van de procedure verwerft, maar niet de kosten betreffende de aankoop en het behoud van die zaken.

4 Wat zijn de bevoegdheden van respectievelijk de schuldenaar en de insolventiefunctionaris?

De curator is bevoegd en verplicht om de zaken te beheren en te verkopen en om de opbrengst hiervan te verdelen onder de schuldeisers.

De schuldenaar kan worden gehoord voor meer informatie en hij kan handelingen van de curator en de rechter-commissaris aanvechten, maar uitsluitend als deze de wet schenden (en niet alleen om redenen van opportuniteit).

5 Onder welke voorwaarden kan een verrekening worden tegengeworpen?

Personen die de curator geld verschuldigd zijn, kunnen hun schuld compenseren met een andere vordering in het kader van dezelfde procedure, op voorwaarde dat de schuld en de andere vordering allebei voorafgaand aan de procedure zijn ontstaan.

6 Wat zijn de gevolgen van de insolventieprocedure voor lopende overeenkomsten waarbij de schuldenaar partij is?

De curator kan besluiten om overeenkomsten die lopen op de datum van de faillietverklaring voort te zetten of te ontbinden.

7 Wat zijn de gevolgen van de insolventieprocedure voor individuele vervolgingen door schuldeisers (met uitzondering van lopende rechtsvorderingen)?

Na de inleiding van de insolventieprocedure hebben schuldeisers uitsluitend het recht om een rechtsvordering in te stellen als de curator blijft stilzitten, dat wil zeggen als hij geen actie onderneemt (ongeacht of dit opzettelijk of uit nalatigheid is).

8 Wat zijn de gevolgen van de insolventieprocedure voor de voortzetting van lopende rechtsvorderingen op het tijdstip van de inleiding van de insolventieprocedure?

Uitsluitend de curator is bevoegd om rechtsvorderingen die een schuldeiser jegens een persoon heeft ingesteld voort te zetten wanneer die persoon later failliet wordt verklaard.

9 Wat zijn de belangrijkste kenmerken van de deelname van de schuldeisers aan de insolventieprocedure?

Het comité van schuldeisers bestaat uit drie of vijf schuldeisers en speelt een belangrijke rol, daar het bevoegd is om:

- transacties, schikkingen, intrekking van rechtszaken, de erkenning van rechten van derden, de opheffing van hypotheken, de teruggave van pandrechten, de vrijgave van zekerheden, de aanvaarding van een nalatenschap of schenkingen en alle andere handelingen van buitengewoon beheer goed te keuren;

- de rechtbank te verzoeken om de afzetting van de curator;

- het liquidatieplan goed te keuren;

- de curator toe te staan om een overeenkomst over te nemen die loopt op de datum van de faillietverklaring;

- de inventarisatie van de zaken van de schuldenaar bij te wonen;

- alle stukken van het proceduredossier te raadplegen;

- de curator toe te staan om een of meerdere zaken niet op te nemen in de activa of om af te zien van de liquidatie ervan, als de liquidatie duidelijk ongepast is;

- de rechter-commissaris te verzoeken om de verkoop van de zaken op te schorten.

Naast de bevoegdheden inzake actief beheer geeft het comité van schuldeisers advies over de maatregelen die onder de bevoegdheid van de rechter-commissaris of de rechtbank vallen, te weten:

- toestemming voor de pandhoudende schuldeiser om de verpande zaak te verkopen;

- toestemming voor de rechter-commissaris om de activiteiten van de onderneming tijdelijk voort te zetten (zonder instemming van het comité van schuldeisers kan niet worden besloten tot de voortzetting van de activiteiten);

- toestemming voor de rechter-commissaris om de onderneming te verhuren (zonder instemming van het comité van schuldeisers kan niet worden besloten tot het verhuren van de onderneming).

10 Op welke wijze kan de insolventiefunctionaris de goederen van de boedel gebruiken of te gelde maken?

De curator kan (met toestemming):

- de activiteiten van de onderneming voortzetten;

- de onderneming verhuren;

- alle zaken verkopen om de opbrengst hiervan te verdelen onder de schuldeisers;

- weigeren zaken van geringe waarde te verkopen.

11 Welke vorderingen moeten worden verhaald op de insolvente boedel van de schuldenaar en hoe moeten vorderingen die zijn ontstaan na de opening van de insolventieprocedure worden behandeld?

Iedere schuldeiser kan de rechtbank verzoeken om de schuldenaar failliet te verklaren. De schuldeiser hoeft geen executoriale titel te hebben, het is vooral belangrijk dat de vordering wordt gestaafd met bewijsstukken.

Alle schuldeisers (met inbegrip van degenen die met succes om een faillietverklaring hebben verzocht) dienen na de inleiding van de faillissementsprocedure te verzoeken om de erkenning van hun vorderingen.

12 Wat zijn de regels betreffende indiening, verificatie en toelating van de vorderingen?

De schuldeiser kan een erkenningsverzoek indienen zonder te worden vertegenwoordigd door een advocaat.

Het verzoek dient bewijsstukken betreffende de vordering te bevatten en digitaal te worden ingediend (gecertificeerde e-mail).

13 Wat zijn de regels betreffende de verdeling van de opbrengst? Hoe worden de vorderingen en de rechten van schuldeisers gerangschikt?

De opbrengst van de verkochte zaken wordt onder alle schuldeisers verdeeld, naargelang de rangorde van de voorrechten. In de wet is voor veel vorderingen een rangorde (hypotheken, pandrechten, algemene of bijzondere voorrechten) vastgesteld met betrekking tot alle of een deel van de zaken.

Als de opbrengst van de verkoop niet toereikend is om alle vorderingen op de schuldenaar te voldoen (wat bijna altijd het geval is), wordt deze opbrengst niet verdeeld naar verhouding van de hoogte van de vorderingen, maar op basis van hun rang, conform het bepaalde in het Burgerlijk Wetboek.

14 Wat zijn de voorwaarden voor en de gevolgen van de beëindiging van de insolventieprocedure (met name door een akkoord)?

De beëindiging van de faillissementsprocedure wordt uitgesproken indien aan de volgende voorwaarden is voldaan:

- er is geen enkel erkenningsverzoek ingediend;

- alle vorderingen zijn voldaan;

- de opbrengst van de verkochte activa is volledig verdeeld;

- er is vastgesteld dat er geen te verkopen zaken of andere nog te innen bedragen zijn.

Na de beëindiging van de faillissementsprocedure is de schuldenaar weer bevoegd om te handelen, om in rechte op te treden en om zaken te verkrijgen zonder dat deze in beslag worden genomen door de curator.

Met de bekrachtiging van de overeenkomst tussen de schuldenaar en de schuldeisers worden het akkoord ter voorkoming van een faillissement en het faillissementsakkoord afgesloten. Als in het akkoord echter is bepaald dat er zaken dienen te worden overgedragen (liquidatie‑akkoord), wordt de procedure voor de verkoop van de activa voortgezet en eindigt deze pas als alle zaken zijn verkocht en de opbrengst hiervan is verdeeld onder de schuldeisers.

Door de beëindiging van het akkoord ter voorkoming van een faillissement en het faillissementsakkoord is de schuldenaar bevrijd van zijn schulden.

15 Wat zijn de rechten van de schuldeisers nadat de insolventieprocedure beëindigd is?

Als de beëindiging van de faillissementsprocedure is uitgesproken, kunnen de schuldeisers een rechtsvordering instellen jegens de schuldenaar om de restschuld te innen (dat wil zeggen het deel van hun vordering dat de curator niet heeft voldaan). Als de schulden van de schuldenaar zijn kwijtgescholden, kunnen de schuldeisers echter niets vorderen van de schuldenaar.

Zodra het akkoord is gesloten, kunnen de schuldeisers niets meer vorderen van de schuldenaar. Als de schuldenaar zijn verplichtingen echter niet nakomt, kunnen de schuldeisers binnen een jaar verzoeken om de ontbinding van het akkoord.

16 Voor wiens rekening zijn de kosten en uitgaven in het kader van de insolventieprocedure?

De kosten van de insolventieprocedure worden betaald uit de opbrengst van de verkoop van de activa.

Als de schuldenaar geen activa heeft, worden de vergoeding van de curator en de onkosten die deze heeft gemaakt door de staat betaald.

17 Wat zijn de regels betreffende nietigheid, vernietigbaarheid of niet-tegenwerpbaarheid van de voor de gezamenlijke schuldeisers nadelige rechtshandelingen?

Handelingen die de schuldenaar heeft verricht voorafgaand aan de faillissementsprocedure zijn herroepbaar, voor zover deze binnen een bepaalde termijn (een jaar of zes maanden) voorafgaand aan de procedure zijn verricht.

Handelingen die de schuldenaar heeft verricht na de inleiding van de faillissementsprocedure zijn niet uitvoerbaar.

Handelingen van buitengewoon beheer die tijdens de procedure voor het akkoord ter voorkoming van een faillissement worden verricht zonder goedkeuring van de rechtbank zijn niet uitvoerbaar.


De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken EJN-contactpunten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. Het EJN en de Commissie aanvaarden geen enkele verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor informatie of gegevens in dit document of waarnaar in dit document wordt verwezen. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Laatste update: 29/10/2018