4 - Schadevergoeding

Save as PDF

Via welke procedure kan ik van de dader schadevergoeding vorderen? (bv. rechtszaak, burgerlijke vordering, voeging)

Primair kan het slachtoffer als civiele eiser in de strafprocedure zijn of haar vordering voor schade als gevolg van de ten laste gelegde handeling instellen. In dit geval wordt de procedure die als onderdeel van de strafzaak wordt gevoerd om een civiele vordering in te stellen, voeging genoemd. Civiele vorderingen kunnen ook via andere juridische middelen worden aangebracht. Wanneer het slachtoffer zelf niet als civiele eiser optreedt, kan soms toch een vordering worden ingesteld. Onder de voorwaarden van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering kan een civiele vordering ook door de openbare aanklager in plaats van het slachtoffer worden ingesteld.

De rechter heeft de dader ertoe veroordeeld mij schadevergoeding te betalen. Hoe kan ik ervoor zorgen dat de dader betaalt?

Executieprocedures kunnen worden ingesteld binnen dertig nadat de termijn is verstreken om te voldoen aan de verplichtingen die de rechter heeft vastgesteld. De rechtbank zal dan een executiedossier verstrekken dat gebaseerd is op dat deel van de beslissing in het strafproces dat op de civiele vordering betrekking heeft.

Als de dader niet betaalt, kan de staat het bedrag dan voorschieten? Onder welke voorwaarden?

De staat kan u geen voorschot betalen. Als echter opzettelijk een geweldsmisdrijf tegen u is gepleegd en als u daardoor fysiek letsel hebt opgelopen en uw gezondheid daardoor is aangetast, komt u mogelijk in aanmerking voor een schadevergoeding van de staat. Een dergelijke schadevergoeding door de overheid staat los van de civiele vordering; als uw verlies of schade echter vanuit andere bronnen (bijvoorbeeld een rechtbank of verzekeraar) wordt gecompenseerd binnen drie jaar na de datum waarop definitief over uw aanvraag voor vergoeding is beslist, moet u de vergoeding van de staat terugbetalen.

Heb ik recht op een schadevergoeding van de staat?

U hebt recht op een vergoeding van de staat als opzettelijk een geweldsmisdrijf tegen u is gepleegd waardoor uw fysieke integriteit en gezondheid ernstige schade werd berokkend.

U hebt wellicht ook recht op een vergoeding van de staat als u een naast familielid of afhankelijk van het slachtoffer bent of als u voor de begrafenis van een overleden slachtoffer hebt betaald.

Alleen slachtoffers die dat op basis van hun financiële draagkracht of andere in de wet vastgestelde omstandigheden nodig hebben, kunnen in aanmerking komen voor schadevergoeding van de staat.

U kunt uw aanvraag voor schadevergoeding bij elke dienst voor slachtofferhulp (overheidsinstantie van het district) indienen. Bij het besluit over uw aanvraag zal de betrokken autoriteit het oorzakelijk verband tussen het bedrag van de schadevergoeding en het misdrijf onderzoeken.

Normaal gesproken worden aanvragen voor schadevergoeding ingediend binnen drie maanden vanaf de dag waarop het misdrijf is gepleegd, en het maximumbedrag van de schadevergoeding in 2017 bedraagt 1 599 105 HUF.

Heb ik recht op schadevergoeding als de dader niet veroordeeld is?

Als uw aangifte van een misdrijf wordt afgewezen, het onderzoek wordt beëindigd of de verdachte wordt ontslagen van rechtsvervolging vanwege in de wet vermelde strafuitsluitingsgronden (namelijk minderjarigheid, ernstige geestelijke beperking, dwang, dwaling, rechtmatige zelfverdediging, uiterste noodzaak of bevel van een meerdere) hebt u recht op een schadevergoeding van de staat.

Een dergelijke schadevergoeding door de overheid staat los van de civiele vordering; als uw verlies of schade echter vanuit andere bronnen (bijvoorbeeld een rechtbank of verzekeraar) wordt gecompenseerd binnen drie jaar na de datum waarop definitief over uw aanvraag voor vergoeding is beslist, moet u de vergoeding van de staat terugbetalen.

Als u uw civiele recht buiten het strafproces doet gelden, komen de vragen van de strafrechtelijke aansprakelijkheid en de schadevergoeding los van elkaar te staan; dat wil zeggen dat de twee procedures tot rechterlijke beslissingen met verschillende inhoud kunnen leiden.

Heb ik recht op een voorschot op dringende gronden in afwachting van de beslissing over mijn vordering tot schadevergoeding?

Als slachtoffer van een misdrijf of strafbaar feit kunt u recht hebben op onmiddellijke geldelijke steun om een einde te maken aan de crisissituatie die binnen een zeer korte periode door het misdrijf of strafbaar feit is veroorzaakt. U kunt uw aanvraag bij slachtofferhulp (bij een overheidsinstantie van het district) indienen; voorwaarde voor het ontvangen van schadevergoeding is dat u het misdrijf bij de politie hebt aangegeven. Onmiddellijke geldelijke steun wordt verstrekt op basis van het beginsel van billijkheid en kan aan slachtoffers worden uitgekeerd zonder dat wordt nagegaan of zij behoeftig zijn. Tijdens het proces moet echter wel worden onderzocht of het gerechtvaardigd is deze geldelijke steun te verlenen gezien de persoonlijke omstandigheden van het slachtoffer die door het misdrijf zijn ontstaan. Onmiddellijke geldelijke steun is geen vergoeding en is niet bedoeld om de schade als gevolg van het misdrijf te compenseren of te verminderen. Deze steun kan worden verstrekt om de uitgaven voor voeding, huisvesting, reizen en kleding en medische en begrafeniskosten te dekken. Het bedrag van de onmiddellijke geldelijke steun wordt vastgesteld op grond van de situatie van het slachtoffer die door het misdrijf is ontstaan, en op grond van de tijdsperiode waarin het slachtoffer niet zelf zijn of haar financiële problemen kan oplossen. In 2017 is het maximale steunbedrag 106 607 HUF.


De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Laatste update: 08/11/2018