Sluiten

BÈTAVERSIE VAN HET PORTAAL NU BESCHIKBAAR!

Bezoek de bètaversie van het Europees e-justitieportaal en vertel ons wat u ervan vindt!

 
 

Kruimelpad

menu starting dummy link

Page navigation

menu ending dummy link

Betekening of kennisgeving van stukken - Slovenië

Let op: de oorspronkelijke versie van deze pagina (Sloveens) is onlangs gewijzigd. Aan de vertaling in het Nederlands wordt momenteel gewerkt.
De volgende vertalingen zijn al beschikbaar: Engels

INHOUDSOPGAVE

1 Wat is de praktische betekenis van de juridische term "betekening en kennisgeving van stukken"? Waarom bestaat er een specifieke regeling voor de "betekening en kennisgeving van stukken"?

In de praktijk betekent betekening of kennisgeving van stukken de overhandiging van stukken of documenten aan natuurlijke of rechtspersonen die partij zijn in een gerechtelijke procedure. Dat betekent enerzijds dat de geadresseerde wordt geïnformeerd over proceshandelingen die de rechtbank of een partij heeft verricht, en anderzijds dat de rechtbank een betrouwbare bevestiging heeft dat alle partijen het betreffende document hebben ontvangen. De bevestiging dat de documenten daadwerkelijk correct betekend of ter kennis gebracht zijn, is namelijk een voorwaarde voor een goed verloop van de procedure. Bovendien wordt door een betekening of kennisgeving die tijdig en op de voorgeschreven wijze is verricht het beginsel van hoor en wederhoor nageleefd. De betekening en kennisgeving is dus niet alleen een proceshandeling van de rechtbank die als doel heeft een partij over de procedure te informeren, maar het zijn ook de proceshandelingen van de wederpartij en de rechtbank en de waarborging van het recht van een partij om zich te verweren.

Er zijn specifieke regels nodig voor de betekening of kennisgeving van stukken om ervoor te zorgen dat bepaalde beginselen van het burgerlijk procesrecht in acht worden genomen en om een effectieve rechtsbescherming te bieden zonder onnodige vertraging. De betekening of kennisgeving van documenten garandeert namelijk dat alle partijen worden geïnformeerd over de proceshandelingen van de rechtbank respectievelijk de partijen. De betekenings- en kennisgevingsprocedures voorzien tevens in bepaalde garanties in geval de betekening of kennisgeving niet volgens de voorschriften is verlopen.

2 Welke stukken behoeven formele betekening of kennisgeving?

Alle gerechtelijke stukken moet aan de partijen en deelnemers worden betekend of ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 142 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering van de Republiek Slovenië (hierna "WvRV" genoemd; Staatscourant van de Republiek Slovenië nr. 73/07 – geconsolideerde tekst, 45/08 – wet inzake arbitrage, 45/08, 111/08 – beslissing van het Constitutioneel Hof, 121/08 – beschikking van het Constitutioneel Hof, 57/09 – beslissing van het Constitutioneel Hof, 12/10 – beslissing van het Constitutioneel Hof, 50/10 – beslissing van het Constitutioneel Hof, 107/10 – beslissing van het Constitutioneel Hof, 75/12 – beslissing van het Constitutioneel Hof, 76/12 – gerectificeerd, 40/13 – beslissing van het Constitutioneel Hof, 92/13 – beslissing van het Constitutioneel Hof, 6/14, 10/14 – beslissing van het Constitutioneel Hof, 48/14 et 48/15 – beslissing van het Constitutioneel Hof). In dit artikel is bepaald dat verzoekschriften, rechterlijke beslissingen waartegen hoger beroep openstaat, buitengewone rechtsmiddelen en betalingsbevelen betreffende gerechtskosten uit hoofde van de indiening van verzoekschriften, verweerschriften en memories van antwoord, de beroepsmogelijkheden, alsmede de oproeping van de partijen om op de zitting voor een schikking te verschijnen of op de eerste zitting op tegenspraak indien er geen zitting voor een schikking is gepland, in persoon aan de partijen moeten worden betekend of ter kennis gebracht. Daarbij geldt tevens dat zowel de fysieke betekening of kennisgeving als die welke geschiedt op beveiligde elektronische wijze wordt beschouwd als een betekening of kennisgeving in persoon conform het WvRV. Overige stukken worden alleen in persoon betekend of ter kennis gebracht indien dat bij wet is voorgeschreven of indien de rechtbank van oordeel is dat meer voorzichtigheid is geboden ten aanzien van documenten die bij de minuut (origineel van het vonnis) worden gevoegd, of om een andere reden.

3 Wie is verantwoordelijk voor de betekening of kennisgeving van een stuk?

Betekening of kennisgeving van stukken kan worden verricht per post, door een medewerker van de rechtbank, bij de rechtbank of op een andere in de wet vastgestelde wijze. De rechtbank kan op verzoek van de wederpartij bevelen dat de betekening of kennisgeving van stukken moet worden uitgevoerd door een natuurlijk of rechtspersoon die als betekenaar is geregistreerd op basis van een speciale machtiging van de minister van Justitie. De kosten voor een dergelijke wijze van betekening moeten vooraf betaald worden door de partij die om de betekening heeft gevraagd (artikel 132 van het WvRV). Een partij kan de rechtbank verzoeken om elektronische betekening of kennisgeving van stukken via een beveiligde mailbox waarvan het adres in het verzoekschrift staat vermeld. Dit e-mailadres heeft dezelfde waarde als een huis- of kantooradres van de partij. Indien een partij een stuk via een beveiligde elektronische wijze indient, wordt aangenomen dat deze partij de te betekenen stukken via die beveiligde mailbox wil ontvangen, behoudens tegenbericht van de zijde van die partij. Indien de rechtbank vaststelt dat betekening of kennisgeving via de beveiligde mailbox niet mogelijk is, gaat zij over tot de feitelijke betekening of kennisgeving van het stuk en vermeldt de reden daarvoor. De betekening of kennisgeving aan overheidsinstellingen, advocaten, notarissen, gerechtsdeurwaarders, juridisch deskundigen, juridisch adviseurs, beëdigd tolken, bewindvoerders en andere personen of instellingen geschiedt altijd via een beveiligde mailbox. Het Hooggerechtshof van de Republiek Slovenië houdt een lijst bij en publiceert deze op zijn internetsite van personen en instellingen die geacht worden meer betrouwbaar te zijn gelet op de aard van hun functie. De personen en instellingen die op deze lijst voorkomen, dienen een beveiligde mailbox te openen en het adres, evenals eventuele wijzigingen, door te geven aan het Hooggerechtshof van de Republiek Slovenië. Het adres op de lijst wordt beschouwd als het officiële adres van de beveiligde mailbox genoemd in de vorige alinea.

De betekening of kennisgeving aan overheidsorganen, rechtspersonen of zelfstandigen geschiedt door overhandiging van de stukken aan de daartoe gemachtigde persoon of aan een werknemer die op het kantoor, de zetel of in de bedrijfsruimte aanwezig is (artikel 133 van het WvRV). Dagvaardingen gericht aan militairen en politieambtenaren kunnen worden betekend of ter kennis gebracht aan hun bevelhebber of hun direct leidinggevende; andere stukken kunnen eventueel ook op deze wijze worden betekend of ter kennis gebracht (artikel 134 van het WvRV). De betekening of kennisgeving van stukken aan personen die opgesloten zitten, wordt gedaan aan de directie van de betreffende penitentiaire inrichting of een andere instelling waar de betrokkene zijn gevangenisstraf of vrijheidsbenemende straf uitzit (artikel 136 van het WvRV).

Indien de partij een wettelijk vertegenwoordiger of een gevolmachtigde heeft, worden de stukken aan die persoon betekend of ter kennis gebracht, tenzij in de wet anders is bepaald. In het geval van betekening of kennisgeving aan een advocaat die tevens gemachtigde is, mogen de stukken ook worden overhandigd aan een werknemer van het advocatenkantoor (de artikelen 137 en 138 van het WvRV).

4 Vragen

4.1 Gaat de aangezochte autoriteit van deze lidstaat krachtens Verordening (EG) nr. 1393/2007 van het Europees Parlement en de Raad van 13 november 2007 inzake de betekening en de kennisgeving in de lidstaten van gerechtelijke en buitengerechtelijke stukken in burgerlijke of in handelszaken, op eigen initiatief na welke de verblijfplaats is van de persoon voor wie het stuk is bestemd, wanneer deze laatste niet meer verblijft op het adres dat de verzoekende autoriteit bekend is?

De betekening of kennisgeving in een lidstaat vindt plaats overeenkomstig de nationale wetgeving van die lidstaat. Artikel 143, lid 3, van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering (Staatsblad van de Republiek Slovenië nr. 45/08, laatste gewijzigde versie, hierna het ""WvRV" genoemd) bepaalt dat de rechtbank verplicht is om te achterhalen of het adres waar geprobeerd is de stukken te betekenen of ter kennis te brengen gelijk is aan het gekozen adres dat in het officiële register is geregistreerd. Dat betekent dat wanneer de betekening of kennisgeving niet succesvol is geweest (ongeacht de reden), de rechtbank het adres in het centrale bevolkingsregister controleert. De rechtbank doet dit niet alleen wanneer een procedure in Slovenië loopt, maar ook wanneer de betekening of kennisgeving plaatsvindt op verzoek van een rechtbank van een andere lidstaat (beginsel van non-discriminatie van nationale procedureregels). Wanneer de documenten betekend of ter kennis gebracht moeten worden aan een rechtspersoon, wordt het adres overeenkomstig artikel 139, lid 3, van het WvRV gecontroleerd in het handelsregister (Agentschap van de openbare registers en aanverwante diensten AJPES); gegevens over de statutaire zetel van rechtspersonen zijn openbaar. Indien de rechtbank de gezochte gegevens niet in het register vindt, wordt het poststuk teruggestuurd naar de verzendende instantie.

4.2 Hebben buitenlandse gerechtelijke autoriteiten en/of partijen bij rechtsgedingen toegang tot registers of diensten in deze lidstaat waarmee zij het actuele adres van de betrokken persoon kunnen vaststellen? Zo ja, over welke registers of diensten gaat het en welke procedures moeten worden gevolgd? Welke vergoeding moet worden betaald, in voorkomend geval?

Zij hebben geen toegang tot deze gegevens; in verband met de bescherming van persoonsgegevens zijn de mogelijkheden om naar dit soort gegevens te zoeken zeer beperkt. Indien een buitenlandse autoriteit gegevens wil hebben over de woonplaats van een particulier, moet zij een verzoek in het Sloveens indienen bij de administratieve eenheden (een dergelijk verzoek is vrijgesteld van lasten en andere rechten), waarna de betreffende administratieve eenheid beoordeelt of het verzoek aan de nationale rechtsregels voldoet. Indien een natuurlijk persoon als partij gegevens wil krijgen, is het achterhalen daarvan nog moeilijker. Volgens de administratieve eenheden verstrekken zij dit soort gegevens namelijk niet aan partijen. Verder is het mogelijk gegevens via diplomatieke weg te achterhalen.

Indien een buitenlandse rechtbank een verzoek indient, beperkt de rechtbank zich, zoals hierboven vermeld, tot het controleren en verkrijgen van de adresgegevens van de betrokken persoon.

4.3 Hoe behandelen de autoriteiten in deze lidstaat een verzoek op grond van Verordening (EG) nr. 1206/2001 van de Raad van 28 mei 2001 betreffende de samenwerking tussen de gerechten van de lidstaten op het gebied van bewijsverkrijging in burgerlijke en handelszaken, dat als doel heeft het actuele adres van een persoon vast te stellen?

De rechtbank verricht onderzoek naar de woonplaats van de betrokken particulier wanneer zij daartoe een verzoek ontvangt (door het centrale bevolkingsregister te raadplegen of te zoeken bij een administratieve eenheid).

5 Hoe verloopt de betekening of kennisgeving van een stuk in de praktijk? Kunnen er alternatieve methoden worden gebruikt (andere dan de vervangende betekening of kennisgeving als bedoeld in punt 7)?

Betekening of kennisgeving van stukken vindt in de regel plaats per post, maar kan ook worden verricht door een medewerker van de rechtbank, bij de rechtbank of op een andere in de wet vastgestelde wijze, en door een natuurlijk persoon of een rechtspersoon die als officiële betekenaar is geregistreerd op basis van een speciale machtiging van de minister van Justitie; een document kan ook elektronisch worden betekend of ter kennis gebracht (zie punt 3).

6 Is elektronische betekening of kennisgeving van stukken (betekening of kennisgeving van gerechtelijke of buitengerechtelijke stukken door middel van elektronische communicatiemiddelen op afstand, zoals e-mail, beveiligde toepassingen op het internet, fax, SMS, enz.) toegestaan in civiele procedures? Zo ja, in welke soorten procedures kan deze methode worden gebruikt? Zijn er beperkingen met betrekking tot de beschikbaarheid/toegankelijkheid van deze methode van betekening of kennisgeving van stukken die afhankelijk zijn van de persoon voor wie het stuk is bestemd (beoefenaar van een juridisch beroep, rechtspersoon, vennootschap of andere economische actor, enz.)?

Ja. De betekening of kennisgeving geschiedt via het internetportaal "e-Sodstvo", dat wordt beheerd door het Hooggerechtshof van de Republiek Slovenië, aan de beveiligde mailbox van gebruikers.

Elektronische betekening of kennisgeving van stukken is toegestaan in civiele procedures en in andere gerechtelijke civiele procedures waarbij de bepalingen van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering betreffende de elektronische betekening of kennisgeving van stukken van toepassing zijn, bijvoorbeeld in procedures betreffende handelsgeschillen of geschillen op het gebied van arbeidsrecht en sociaal recht, buitengerechtelijke procedures, nalatenschappen (in deze procedures wordt elektronische betekening of kennisgeving nog niet toegepast), alsmede in procedures betreffende kadastrale gegevens, insolventie- en tenuitvoerleggingsprocedures (in deze procedures wordt elektronische betekening of kennisgeving al wel toegepast).

Er gelden beperkingen afhankelijk van de groep waarin de gebruikers zijn onderverdeeld. De gebruikers worden eerst onderverdeeld in algemene groepen, namelijk:

– de groep gebruikers die zich niet hoeft te identificeren bij gebruik van het informatiesysteem «e-Sodstvo» (gewone gebruikers);

– de groep gebruikers die zich bij gebruik van het informatiesysteem identificeert door in te loggen met een gebruikersnaam en wachtwoord (geregistreerde gebruikers); en

– de groep gebruikers die zich bij gebruik van het informatiesysteem identificeert door in te loggen met een gebruikersnaam en wachtwoord, met gebruikmaking van een gekwalificeerd certificaat (gekwalificeerde gebruikers).

De gekwalificeerde gebruikers zijn:

– interne gekwalificeerde gebruikers (rechters en werknemers van de rechtbanken die gemachtigd zijn om in verschillende soorten civiele procedures elektronisch taken uit te voeren); en

– externe gekwalificeerde gebruikers (notarissen, advocaten, deurwaarders, bewindvoerders, het parket van de officier van justitie van de staat (het verdedigingsorgaan van de Republiek Slovenië), de nationale parketten, vastgoedondernemingen en de gemeentelijke advocatenkantoren, dat wil zeggen instanties die vertegenwoordiger of rechterlijk orgaan zijn in gerechtelijke civiele procedures, en de gebruikers/partijen, namelijk rechtspersonen, natuurlijke personen en overheidsorganen en gemeentelijke overheidsinstanties die partij zijn bij gerechtelijke civiele procedures).

7 "Vervangende" betekening of kennisgeving

7.1 Voorziet het recht van deze lidstaat in andere mogelijke methoden van betekening of kennisgeving in gevallen waarin betekening of kennisgeving aan de persoon voor wie het stuk is bestemd, niet mogelijk is (bv. kennisgeving aan het adres, aan het kantoor van een deurwaarder, per post of door aanplakking)?

Er moet onderscheid worden gemaakt tussen gewone betekening of kennisgeving en betekening of kennisgeving in persoon.

In het geval van gewone betekening of kennisgeving wordt in eerste instantie geprobeerd de stukken indirect te betekenen of ter kennis te brengen. Dat betekent dat indien de geadresseerde niet thuis is, het te betekenen stuk wordt overhandigd aan een volwassen huisgenoot die verplicht is het stuk in ontvangst te nemen (artikel 140, lid 1, van het WvRV). Alleen indien betekening of kennisgeving aan een natuurlijk persoon op deze manier niet mogelijk is, laat de gerechtsdeurwaarder het stuk achter in de brievenbus van de geadresseerde, ongeacht of die zich bij de voordeur of aan de kant van de weg bevindt. Indien de geadresseerde geen brievenbus heeft of deze onbruikbaar is, wordt het stuk overhandigd aan de rechtbank die opdracht heeft gegeven voor de betekening of kennisgeving; en indien het een betekening of kennisgeving per post betreft, wordt het stuk gedeponeerd bij het postkantoor in de woonplaats van de geadresseerde en wordt een bericht van betekening of kennisgeving achtergelaten op de deur van de woning met vermelding waar het stuk zich bevindt (artikel 141, leden 1 en 2, van het WvRV). In geval van betekening of kennisgeving aan rechtspersonen geldt dat het stuk wordt overhandigd op het adres dat staat ingeschreven in het register. Indien het niet mogelijk is het stuk op dat adres te betekenen of ter kennis te brengen, geschiedt de betekening of kennisgeving op de wijze die geldt voor natuurlijke personen, met het verschil dat het bericht van betekening of kennisgeving wordt achtergelaten op het adres dat staat ingeschreven in het register.

De betekening of kennisgeving in persoon betekent dat de stukken persoonlijk worden overhandigd. Overeenkomstig artikel 142 van het WvRV worden de volgende gerechtelijke stukken betekend of ter kennis gebracht: verzoekschriften, rechterlijke beslissingen waartegen hoger beroep openstaat, buitengewone rechtsmiddelen en betalingsbevelen van gerechtskosten uit hoofde van de indiening van stukken vermeld in artikel 105a van het WvRV (verzoekschriften, tegenvorderingen, verzoeken tot echtscheiding met wederzijdse instemming enzovoort), alsmede de oproeping van partijen om op de zitting voor een schikking te verschijnen of op de eerste zitting op tegenspraak indien er geen zitting voor een schikking is gepland. Overige stukken worden alleen in persoon betekend of ter kennis gebracht indien dat bij wet is voorgeschreven of indien de rechtbank van oordeel is dat dat nodig is in vanwege de documenten die bij de minuut (originele vonnis) worden gevoegd.

Alleen indien rechtstreekse betekening of kennisgeving aan een natuurlijk persoon niet mogelijk is, overhandigt de gerechtsdeurwaarder het stuk aan de rechtbank die de betekening of kennisgeving heeft bevolen; en indien het een betekening of kennisgeving per post betreft, deponeert de gerechtsdeurwaarder het stuk bij het postkantoor in de woonplaats van de geadresseerde of laat een bericht achter in de brievenbus van de geadresseerde, ongeacht of die zich bij de voordeur of aan de kant van de weg bevindt, waarin staat waar het stuk zich bevindt en binnen welke termijn het moet worden afgehaald.

De partijen of hun wettelijk vertegenwoordigers zijn verplicht om de rechtbank onmiddellijk op de hoogte te stellen van een adreswijziging vóór de betekening of kennisgeving van een beslissing in tweede instantie waarmee de procedure eindigt. Indien zij dit nalaten, beveelt de rechtbank dat de betekening of kennisgeving van alle volgende stukken plaatsvindt via bekendmaking van de stukken op het officiële publicatiebord van de rechtbank. De betekening of kennisgeving wordt geacht te zijn verricht na een termijn van acht dagen nadat het stuk op het genoemde publicatiebord is gepubliceerd (artikel 145 van het WvRV).

7.2 Indien andere methoden worden toegepast: wanneer wordt de betekening of kennisgeving van de stukken geacht te hebben plaatsgevonden?

In geval van gewone betekening of kennisgeving worden de stukken geacht te zijn betekend of ter kennis gebracht op de datum waarop ze in de brievenbus van de geadresseerde zijn gedeponeerd, een feit waarop de geadresseerde in het bijzonder wordt gewezen. Indien de geadresseerde geen brievenbus heeft, wordt de betekening of kennisgeving geacht te zijn verricht op de dag waarop een bericht van betekening of kennisgeving op de deur van zijn woning is aangebracht.

In het geval van betekening of kennisgeving in persoon wordt het stuk geacht te zijn betekend op de dag waarop de geadresseerde het stuk heeft afgehaald. Indien de geadresseerde het stuk niet binnen een termijn van vijftien dagen afhaalt, wordt de betekening of kennisgeving geacht te zijn verricht na afloop van die termijn. De gerechtsdeurwaarder laat het stuk na afloop van de afhaaltermijn achter in de brievenbus van de geadresseerde, ongeacht of die zich bij de voordeur of aan de kant van de weg bevindt; indien de geadresseerde geen brievenbus heeft of deze onbruikbaar is, wordt het stuk teruggestuurd naar de rechtbank.

7.3 Indien een andere methode van betekening of kennisgeving inhoudt dat de stukken op een bepaalde plaats worden neergelegd (bv. op een postkantoor): hoe wordt de persoon voor wie de stukken zijn bestemd, daarvan op de hoogte gebracht?

In geval van gewone betekening, waarbij het stuk in de brievenbus wordt achtergelaten, stelt de gerechtsdeurwaarder de geadresseerde in kennis van de rechtsgevolgen door deze te vermelden op het stuk zelf; hij vermeldt zowel op de ontvangstbevestiging als op het betreffende stuk tevens de reden van deze handelswijze en de datum waarop hij het stuk aan de geadresseerde heeft achtergelaten en ondertekent deze. Indien de geadresseerde geen brievenbus heeft en het stuk is teruggestuurd naar de rechtbank/het postkantoor, laat de gerechtsdeurwaarder een bericht van betekening achter op de deur van zijn woning, waarin staat waar het stuk zich bevindt en op welke datum het wordt geacht te zijn betekend.

In geval van betekening in persoon laat de gerechtsdeurwaarder een bericht achter in de brievenbus van de geadresseerde, ongeacht of die zich bij de voordeur van de woning of aan de kant van de weg bevindt, waarin staat waar het stuk zich bevindt, binnen welke termijn de geadresseerde het moet afhalen en wat de rechtsgevolgen zijn indien het stuk niet binnen de gestelde termijn wordt afgehaald. De gerechtsdeurwaarder vermeldt zowel op het bericht als op het betreffende stuk de reden van deze werkwijze en de datum waarop hij het bericht aan de geadresseerde heeft achtergelaten en ondertekent deze.

7.4 Wat zijn de gevolgen wanneer de persoon voor wie de stukken zijn bestemd, de betekening of kennisgeving weigert? Wordt de betekening of kennisgeving van de stukken geacht effectief te hebben plaatsgevonden wanneer de weigering niet rechtmatig was?

Indien de geadresseerde of degene die verplicht is het stuk aan te nemen voor rekening van eerstbedoelde, zonder geldige reden weigert het stuk in ontvangst te nemen, laat de gerechtsdeurwaarder het stuk achter bij de woning of de werkplek van de betrokkene, of in de brievenbus van de geadresseerde, ongeacht of die zich bij de voordeur van de woning of aan de kant van de weg bevindt, of indien er geen brievenbus is, bevestigt hij het stuk op deur van de woning. Hij vermeldt op de ontvangstbevestiging de datum, tijd en reden van de weigering van het stuk en de plaats waar hij het stuk heeft achtergelaten. Hiermee wordt de betekening geacht te zijn verricht (artikel 144 van het WvRV).

8 Betekening of kennisgeving per post vanuit het buitenland (artikel 14 van de verordening inzake de betekening en de kennisgeving van stukken)

8.1 Indien de post een stuk moet afgeven dat in het buitenland is verzonden aan een persoon in deze lidstaat en waarvoor een ontvangstbevestiging is vereist (artikel 14 van de verordening), levert de post het stuk dan uitsluitend aan de persoon zelf voor wie het stuk is bestemd, of mag hij op grond van de nationale voorschriften inzake postbestelling het stuk ook aan een andere persoon afleveren op hetzelfde adres?

De wet inzake postdiensten (hierna "wet inzake postdiensten" genoemd; Staatsblad van de Republiek Slovenië nr. 51/09, 77/10 en 40/14 - ZIN-B) bepaalt dat aangetekende poststukken en verzekerde zendingen aan de geadresseerde in persoon op zijn adres moeten worden overhandigd. Indien dat niet mogelijk is, wordt het aangetekende poststuk of de verzekerde zending overhandigd aan een volwassen huisgenoot of aan een persoon die bevoegd is post in ontvangst te nemen (artikel 41 van de wet inzake postdiensten); een persoon ouder dan vijftien jaar die met de geadresseerde in hetzelfde huis woont, wordt beschouwd als een volwassen huisgenoot (algemene voorwaarden voor de levering van universele postdiensten van 1.9.2014; hierna "postdiensten" genoemd).

8.2 Hoe kan de betekening of kennisgeving van stukken uit het buitenland in de zin van artikel 14 van Verordening nr. 1393/2007 krachtens de voorschriften inzake postbestelling van deze lidstaat, plaatsvinden wanneer noch de persoon voor wie het stuk is bestemd, noch een andere persoon (indien mogelijk volgens de nationale voorschriften inzake postbestelling — zie hierboven) op het afleveringsadres werd bereikt?

Indien overhandiging van een aangetekend poststuk aan een van de bovenvermelde personen (de geadresseerde/een volwassen huisgenoot of een persoon die bevoegd is post aan te nemen) niet mogelijk is, omdat zij niet aanwezig zijn, laat de postbezorger een bericht achter in de brievenbus van de woning waarin wordt vermeld waar het poststuk is gedeponeerd en binnen welke termijn het moet worden afgehaald. Indien de geadresseerde het stuk niet binnen de gestelde termijn afhaalt, wordt het stuk teruggestuurd naar de afzender. Indien de geadresseerde het aangetekende poststuk of de zending met aangegeven waarde weigert in ontvangst te nemen, vermeldt de gerechtsdeurwaarder de datum en de reden van weigering van de inontvangstneming op het poststuk of op de ontvangstbevestiging en stuurt het poststuk terug naar de afzender.

8.3 Is er in een specifieke termijn voorzien voor afhaling van de stukken op het postkantoor alvorens de stukken als niet-afgeleverd worden teruggezonden? Zo ja, hoe wordt de persoon voor wie de stukken zijn bestemd, op de hoogte gebracht van het feit dat hij of zij post kan afhalen op het postkantoor?

De geadresseerde kan het poststuk binnen een termijn van vijftien dagen afhalen bij het postkantoor, gerekend vanaf de datum waarop de geadresseerde op de hoogte is gebracht van het poststuk. Hierop geldt een uitzondering voor poststukken afkomstig uit het buitenland waarop de afzender duidelijk een kortere afhaaltermijn dan vijftien dagen heeft aangegeven. De afhaaltermijn wordt berekend aan de hand van de kalender en gaat in op de dag volgend op die waarop de geadresseerde over het poststuk is geïnformeerd. Voor poststukken die poste restante op het postkantoor worden bewaard, en poststukken bestemd voor postbusgebruikers, wordt de termijn vastgesteld op basis van de kalender en gaat in op de dag volgende op de dag waarop het poststuk is binnengekomen op het postkantoor (artikel 27 van de wet inzake postdiensten).

De gerechtsdeurwaarder laat een bericht achter aan de geadresseerde in de brievenbus van de woning, waarin de afhaallocatie staat vermeld en de termijn waarbinnen het poststuk moet worden afgehaald.

9 Is er een schriftelijk bewijs dat de betekening of kennisgeving heeft plaatsgevonden?

De ontvangstbevestiging geldt als bewijs van betekening van het stuk. De geadresseerde en de gerechtsdeurwaarder ondertekenen de ontvangstbevestiging en de geadresseerde vermeldt daarop zelf de ontvangstdatum voluit in letters. Indien de geadresseerde de ontvangstbevestiging niet kan of wil ondertekenen, noteert de gerechtsdeurwaarder zijn naam en voornaam en de ontvangstdatum voluit in letters en vermeldt de reden waarom de geadresseerde niet heeft getekend.

Indien de geadresseerde weigert de ontvangstbevestiging te tekenen, noteert de gerechtsdeurwaarder dit op de ontvangstbevestiging en vermeldt de datum van betekening voluit in letters; de betekening wordt aldus geacht te zijn verricht. Indien de betekening of kennisgeving heeft plaatsgevonden overeenkomstig artikel 142, lid 3, van het WvRV (te weten een indirecte of fictieve betekening; zie ook punten 8.2 en 7.3), vermeldt hij op de ontvangstbevestiging tevens de datum waarop hij het bericht aan de geadresseerde heeft achtergelaten, alsmede de datum waarop het stuk aan de rechtbank of het postkantoor is overhandigd.

Indien het stuk overeenkomstig het wetboek van burgerlijke rechtsvordering is overhandigd aan een ander persoon dan de persoon aan wie het betekend had moeten worden, vermeldt de gerechtsdeurwaarder op de ontvangstbevestiging de relatie die deze twee personen tot elkaar hebben (artikel 149, lid 5, van het WvRV).

10 Wat zijn de gevolgen indien er iets misloopt en de persoon voor wie het stuk is bestemd, het stuk niet ontvangt of indien de betekening of kennisgeving onrechtmatig plaatsvindt (bv. omdat de betekening of kennisgeving aan een derde werd verricht)? Kan de betekening of kennisgeving toch geldig zijn (bv. kan een onrechtmatigheid ongedaan worden gemaakt) of moet deze worden overgedaan?

De ontvangstbevestiging bevat alle elementen van een openbare akte en toont dan ook de echtheid van de daarop bevestigde feiten aan. Het is echter mogelijk aan te tonen dat de vermelde feiten onjuist zijn.

Indien de geadresseerde het stuk niet ontvangt, of indien hij aanvoert dat de betekening of kennisgeving niet volgens de regels is verlopen, kunnen bepaalde gebreken of fouten worden hersteld. Hieruit volgt dat de geadresseerde zich niet kan beroepen op een onjuiste betekening of kennisgeving indien uit zijn gedrag duidelijk kan worden afgeleid dat hij, ondanks de onjuiste betekening of kennisgeving, op andere wijze kennis heeft genomen van de inhoud van het stuk. Hetzelfde geldt voor het geval waarin het stuk daadwerkelijk aan de geadresseerde is overhandigd (bijvoorbeeld wanneer de geadresseerde het stuk na afloop van de gestelde afhaaltermijn afhaalt). Deze situatie is vastgesteld in het wetboek van burgerlijke rechtsvordering waarin is bepaald dat schending van de regels inzake betekening of kennisgeving niet kan worden aangevoerd indien de geadresseerde het stuk ondanks die schending toch heeft ontvangen. In dat geval wordt de betekening of kennisgeving geacht te zijn verricht op het moment waarop de geadresseerde het stuk daadwerkelijk heeft ontvangen (artikel 139, lid 5, van het WvRV).

Fouten die zijn gemaakt tijdens de betekening of kennisgeving kunnen worden opgeheven of gecorrigeerd door de zaken terug te brengen in de eerdere toestand. Dit is mogelijk wanneer de vertraging in de uitvoering van een bepaalde proceshandeling is te wijten aan een gebeurtenis die de partij niet heeft kunnen voorzien of voorkomen, ondanks dat zij aantoont zorgvuldig te hebben gehandeld. Indien de partij niet ter zitting aanwezig is of de termijn voor het verrichten van een bepaalde rechtshandeling niet in acht neemt en zij, als gevolg daarvan, de mogelijkheid verliest dit recht uit te oefenen, kan de rechtbank, op verzoek van die partij, toestemming geven de handeling op een later tijdstip te verrichten indien zij erkent dat de partij wegens een geldige reden niet bij de zitting aanwezig was of de termijn niet heeft nageleefd. Indien herstel in de vorige toestand is toegewezen, wordt de zaak weer teruggebracht naar de situatie zoals die was voordat de vertraging zich voordeed, en daarmee worden alle beslissingen die de rechtbank na de vertraging heeft gegeven nietig verklaard (artikel 116 van het WvRV).

Het verzoek moet binnen een termijn van vijftien dagen worden ingediend na de datum van opheffing van de oorzaak die heeft geleid tot de afwezigheid bij de zitting en de niet-naleving van een termijn; indien de partij op een later tijdstip kennis heeft genomen van de vertraging, begint de termijn voor indiening van het verzoek te lopen vanaf de datum waarop de partij er kennis van heeft genomen. Na een termijn van zes maanden vanaf de dag waarop de vertraging zich voordeed, kan er geen verzoek tot het herstel in de vorige toestand meer worden ingediend (artikel 117 van het WvRV). Zowel de subjectieve als de objectieve datum zijn wettelijke vervaltermijnen die niet verlengd kunnen worden.

11 Moet er voor de betekening of kennisgeving worden betaald, en zo ja, hoeveel?

De betekening of kennisgeving per post is een breed geaccepteerde wijze van betekening of kennisgeving van gerechtelijke stukken die geen bijzondere kosten voor de partijen met zich meebrengt. Indien de betekening of kennisgeving op een andere wijze geschiedt (bijvoorbeeld via een speciale dienst die als officieel betekenaar is geregistreerd), worden er extra kosten in rekening gebracht. Daarom kan de rechtbank hier alleen op verzoek van een partij een bevel toe geven, aangezien die partij een voorschot moet betalen ter dekking van de kosten. Volgens het reglement betreffende de werkzaamheden van personen die documenten betekenen in civiele en strafrechtelijke procedures, heeft de gerechtsdeurwaarder recht op een honorarium voor de betekening en een onkostenvergoeding conform de overeenkomst die met de rechtbank is gesloten, waarin de rechtbank de hoogte van het honorarium en de onkostenvergoeding heeft vastgesteld.


De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken EJN-contactpunten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. Het EJN en de Commissie aanvaarden geen enkele verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor informatie of gegevens in dit document of waarnaar in dit document wordt verwezen. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Laatste update: 13/01/2017