Betekening of kennisgeving van stukken - Cyprus

Herstellen Opslaan in PDF-formaat

INHOUDSOPGAVE

1 Wat is de praktische betekenis van de juridische term "betekening en kennisgeving van stukken"? Waarom bestaat er een specifieke regeling voor de "betekening en kennisgeving van stukken"?

De "betekening of kennisgeving van stukken" is de officiële afgifte van gerechtelijke en buitengerechtelijke stukken (die verplicht moeten worden betekend of ter kennis gebracht) waarvan schriftelijk bewijs kan worden geleverd.

Er gelden specifieke regels voor de betekening of kennisgeving die de rechtsgeldigheid van de procedure en de rechten van de partijen waarborgen.

2 Welke stukken behoeven formele betekening of kennisgeving?

Alle gerechtelijke stukken die betrekking hebben op gerechtelijke procedures - zoals bevelen, oproepingen en documenten die procedures inleiden - evenals buitengerechtelijke stukken (die geen betrekking hebben op gerechtelijke procedures maar waarvan de officiële kennisgeving en betekening noodzakelijk is).

3 Wie is verantwoordelijk voor de betekening of kennisgeving van een stuk?

Gerechtsdeurwaarders. Indien een verzoek tot betekening of kennisgeving van stukken wordt ontvangen ingevolge het Verdrag van Den Haag van 1965 inzake de betekening en de kennisgeving van gerechtelijke en buitengerechtelijke stukken, of enige bilaterale overeenkomst die Cyprus heeft ondertekend en geratificeerd ingevolge Verordening (EG) nr. 1393/2007, wordt het stuk ontvangen door het Ministerie van Justitie en Openbare Orde als de aangewezen centrale autoriteit en vervolgens doorgestuurd naar de gerechtsdeurwaarders voor betekening of kennisgeving.

4 Vragen

4.1 Gaat de aangezochte autoriteit van deze lidstaat krachtens Verordening (EG) nr. 1393/2007 van het Europees Parlement en de Raad van 13 november 2007 inzake de betekening en de kennisgeving in de lidstaten van gerechtelijke en buitengerechtelijke stukken in burgerlijke of in handelszaken, op eigen initiatief na welke de verblijfplaats is van de persoon voor wie het stuk is bestemd, wanneer deze laatste niet meer verblijft op het adres dat de verzoekende autoriteit bekend is?

Doorgaans niet, tenzij deze op het gegeven adres informatie krijgt over het nieuwe adres.

4.2 Hebben buitenlandse gerechtelijke autoriteiten en/of partijen bij rechtsgedingen toegang tot registers of diensten in deze lidstaat waarmee zij het actuele adres van de betrokken persoon kunnen vaststellen? Zo ja, over welke registers of diensten gaat het en welke procedures moeten worden gevolgd? Welke vergoeding moet worden betaald, in voorkomend geval?

Niet van toepassing.

4.3 Hoe behandelen de autoriteiten in deze lidstaat een verzoek op grond van Verordening (EG) nr. 1206/2001 van de Raad van 28 mei 2001 betreffende de samenwerking tussen de gerechten van de lidstaten op het gebied van bewijsverkrijging in burgerlijke en handelszaken, dat als doel heeft het actuele adres van een persoon vast te stellen?

Dergelijk verzoek werd tot op heden niet ontvangen. Hoe dan ook is het te betwijfelen of voor deze kwestie bewijs moet worden ontvangen.

5 Hoe verloopt de betekening of kennisgeving van een stuk in de praktijk? Kunnen er alternatieve methoden worden gebruikt (andere dan de vervangende betekening of kennisgeving als bedoeld in punt 7)?

In de praktijk is de betekening of kennisgeving in persoon de gebruikelijke methode, zoals bepaald in het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. In het geval van een rechtspersoon kan het stuk worden betekend of ter kennis gebracht aan een algemeen directeur, de secretaris van het bedrijf of een verantwoordelijke in de zetel van het bedrijf.

Op verzoek van een partij moet een gerechtelijk bevel worden uitgevaardigd voor een andere methode van betekening of kennisgeving, overeenkomstig het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. De kennisgeving van het stuk gebeurt dan door aanplakking op een welbepaalde plaats of door publicatie in een krant (of op een andere wijze die de rechtbank in de gegeven omstandigheden gepast acht).

Momenteel kunnen geen andere alternatieve methoden worden gebruikt.

6 Is elektronische betekening of kennisgeving van stukken (betekening of kennisgeving van gerechtelijke of buitengerechtelijke stukken door middel van elektronische communicatiemiddelen op afstand, zoals e-mail, beveiligde toepassingen op het internet, fax, SMS, enz.) toegestaan in civiele procedures? Zo ja, in welke soorten procedures kan deze methode worden gebruikt? Zijn er beperkingen met betrekking tot de beschikbaarheid/toegankelijkheid van deze methode van betekening of kennisgeving van stukken die afhankelijk zijn van de persoon voor wie het stuk is bestemd (beoefenaar van een juridisch beroep, rechtspersoon, vennootschap of andere economische actor, enz.)?

Zie het antwoord op vraag 5 hierboven.

7 "Vervangende" betekening of kennisgeving

7.1 Voorziet het recht van deze lidstaat in andere mogelijke methoden van betekening of kennisgeving in gevallen waarin betekening of kennisgeving aan de persoon voor wie het stuk is bestemd, niet mogelijk is (bv. kennisgeving aan het adres, aan het kantoor van een deurwaarder, per post of door aanplakking)?

Zie het antwoord op vraag 5 hierboven.

7.2 Indien andere methoden worden toegepast: wanneer wordt de betekening of kennisgeving van de stukken geacht te hebben plaatsgevonden?

Zie het antwoord op vraag 5 hierboven.

7.3 Indien een andere methode van betekening of kennisgeving inhoudt dat de stukken op een bepaalde plaats worden neergelegd (bv. op een postkantoor): hoe wordt de persoon voor wie de stukken zijn bestemd, daarvan op de hoogte gebracht?

Zie het antwoord op vraag 5 hierboven.

7.4 Wat zijn de gevolgen wanneer de persoon voor wie de stukken zijn bestemd, de betekening of kennisgeving weigert? Wordt de betekening of kennisgeving van de stukken geacht effectief te hebben plaatsgevonden wanneer de weigering niet rechtmatig was?

Zie het antwoord op vraag 5 hierboven.

8 Betekening of kennisgeving per post vanuit het buitenland (artikel 14 van de verordening inzake de betekening en de kennisgeving van stukken)

8.1 Indien de post een stuk moet afgeven dat in het buitenland is verzonden aan een persoon in deze lidstaat en waarvoor een ontvangstbevestiging is vereist (artikel 14 van de verordening), levert de post het stuk dan uitsluitend aan de persoon zelf voor wie het stuk is bestemd, of mag hij op grond van de nationale voorschriften inzake postbestelling het stuk ook aan een andere persoon afleveren op hetzelfde adres?

Niet van toepassing.

8.2 Hoe kan de betekening of kennisgeving van stukken uit het buitenland in de zin van artikel 14 van Verordening nr. 1393/2007 krachtens de voorschriften inzake postbestelling van deze lidstaat, plaatsvinden wanneer noch de persoon voor wie het stuk is bestemd, noch een andere persoon (indien mogelijk volgens de nationale voorschriften inzake postbestelling — zie hierboven) op het afleveringsadres werd bereikt?

Niet van toepassing.

8.3 Is er in een specifieke termijn voorzien voor afhaling van de stukken op het postkantoor alvorens de stukken als niet-afgeleverd worden teruggezonden? Zo ja, hoe wordt de persoon voor wie de stukken zijn bestemd, op de hoogte gebracht van het feit dat hij of zij post kan afhalen op het postkantoor?

Niet van toepassing.

9 Is er een schriftelijk bewijs dat de betekening of kennisgeving heeft plaatsgevonden?

Ja. Na de betekening of kennisgeving vult de gerechtsdeurwaarder een ontvangstbewijs in, waarin het volgende wordt vermeld: de referentiegegevens over het betekende stuk, de naam en hoedanigheid van de persoon aan wie het stuk is betekend of ter kennis gebracht, de datum en het tijdstip van betekening of kennisgeving, of, indien het document niet werd betekend of ter kennis gebracht, de redenen waarom de betekening of kennisgeving niet mogelijk was.

Indien de betekening of kennisgeving heeft plaatsgevonden krachtens Verordening (EG) nr. 1393/2007, wordt het in Bijlage I opgenomen certificaat uitgegeven, zoals bepaald in artikel 10 van die verordening.

10 Wat zijn de gevolgen indien er iets misloopt en de persoon voor wie het stuk is bestemd, het stuk niet ontvangt of indien de betekening of kennisgeving onrechtmatig plaatsvindt (bv. omdat de betekening of kennisgeving aan een derde werd verricht)? Kan de betekening of kennisgeving toch geldig zijn (bv. kan een onrechtmatigheid ongedaan worden gemaakt) of moet deze worden overgedaan?

In dat geval wordt de betekening of kennisgeving ongeldig geacht en kan deze niet ongedaan worden gemaakt. Indien de betekening of kennisgeving niet regelmatig is geschied, moet een nieuwe betekening of kennisgeving plaatsvinden.

In die gevallen waar de betekening of kennisgeving niet heeft plaatsgevonden doordat de persoon bezwaar maakte tegen de betekening of kennisgeving, moet de partij die de betekening of kennisgeving wenst te laten plaatsvinden bij de rechtbank een verzoek om een vervangende betekening of kennisgeving indienen.

Indien de betekening of kennisgeving niet mogelijk was omdat de persoon aan wie het stuk moest worden betekend of ter kennis gebracht, niet werd aangetroffen, kan de persoon die de betekening wenst te laten plaatsvinden op een alternatieve manier kennisgeven van het stuk nadat het toepasselijke gerechtelijke bevel werd uitgevaardigd.

11 Moet er voor de betekening of kennisgeving worden betaald, en zo ja, hoeveel?

De vergoeding bedraagt EUR 21.


De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken EJN-contactpunten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. Het EJN en de Commissie aanvaarden geen enkele verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor informatie of gegevens in dit document of waarnaar in dit document wordt verwezen. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Laatste update: 13/05/2019