Sluiten

BÈTAVERSIE VAN HET PORTAAL NU BESCHIKBAAR!

Bezoek de bètaversie van het Europees e-justitieportaal en vertel ons wat u ervan vindt!

 
 

Kruimelpad

menu starting dummy link

Page navigation

menu ending dummy link

Betekening of kennisgeving van stukken - Roemenië

INHOUDSOPGAVE

1 Wat is de praktische betekenis van de juridische term "betekening en kennisgeving van stukken"? Waarom bestaat er een specifieke regeling voor de "betekening en kennisgeving van stukken"?

De rechtbank kan zich uitspreken over een verzoekschrift indien de partijen zijn gedagvaard of in persoon zijn verschenen of zich laten vertegenwoordigen. De betekening van gerechtelijke stukken in en vanuit andere landen is een formele procedure die tot doel heeft de stukken onder de aandacht te brengen van de geadresseerden: de partijen, getuigen of deelnemers in een proces in de staat die de stukken heeft verzonden (artikel 3, lid 1, van wet nr. 189/2003 inzake internationale justitiële samenwerking in burgerlijke en in handelszaken).

2 Welke stukken behoeven formele betekening of kennisgeving?

Gerechtelijke stukken worden afgegeven in de loop van burgerlijke en handelszaken en moeten op bevel van de rechtbank worden betekend (dagvaardingen, vonnissen, beroepschriften enzovoort).

3 Wie is verantwoordelijk voor de betekening of kennisgeving van een stuk?

De betekening van gerechtelijke stukken geschiedt gratis en ambtshalve, door een procedureambtenaar van de rechtbank of een andere medewerker van die rechtbank. Indien dat niet mogelijk is, worden de stukken per post verstuurd, per aangetekende brief met aangegeven inhoud en met ontvangstbevestiging, in een gesloten envelop die het ontvangstbewijs, het proces-verbaal en het bericht bevat. De betekening kan op verzoek en kosten van een betrokken partij ook worden verricht door een gerechtsdeurwaarder of een koeriersdienst (artikel 154, leden 1, 4 en 5 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering).

4 Vragen

4.1 Gaat de aangezochte autoriteit van deze lidstaat krachtens Verordening (EG) nr. 1393/2007 van het Europees Parlement en de Raad van 13 november 2007 inzake de betekening en de kennisgeving in de lidstaten van gerechtelijke en buitengerechtelijke stukken in burgerlijke of in handelszaken, op eigen initiatief na welke de verblijfplaats is van de persoon voor wie het stuk is bestemd, wanneer deze laatste niet meer verblijft op het adres dat de verzoekende autoriteit bekend is?

In het verzoekschrift moet de woonplaats van de partij worden vermeld (artikel 194 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering). Tijdens de voorafgaande procedure waarin het verzoekschrift wordt gecontroleerd en mogelijk aangepast, kan de rechtbank de verzoeker vragen aanvullende informatie te verstrekken die niet in het verzoekschrift is opgenomen (artikel 200 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering).

De rechtbank is niet verplicht om op eigen initiatief het huidige adres van de verweerder te achterhalen. De rechtbank is in de regel wel verplicht een actieve rol te spelen (artikel 22 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering) en de nodige stappen te ondernemen om een gemotiveerde beslissing te kunnen nemen.

4.2 Hebben buitenlandse gerechtelijke autoriteiten en/of partijen bij rechtsgedingen toegang tot registers of diensten in deze lidstaat waarmee zij het actuele adres van de betrokken persoon kunnen vaststellen? Zo ja, over welke registers of diensten gaat het en welke procedures moeten worden gevolgd? Welke vergoeding moet worden betaald, in voorkomend geval?

Het adres van een Roemeense burger kan worden opgevraagd via het ministerie van Binnenlandse Zaken (Inspectorat Național pentru Evidenţa Persoanelor şi Administrarea Bazelor de Date- INEPABD (Nationale Inspectie voor persoonsgegevens en databasebeheer)), str. Obcina Mare nr. 2, Sector 6, Bucureşti, Tel. +40214135442, +40217467047/8/9, Fax +40214135049, E-mail De link wordt in een nieuw venster geopend.depabd@mai.gov.ro; website: De link wordt in een nieuw venster geopend.http://depabd.mai.gov.ro/furnizari_date.html of via het lokale register van persoonsgegevens.

Belanghebbenden mogen bepaalde persoonsgegevens van Roemeense burgers opvragen, te weten het adres en de woonplaats, die staan ingeschreven in het nationaal register van persoonsgegevens. Hiertoe moet een gemotiveerde aanvraag worden ingediend bij het lokale register van persoonsgegevens in het district waarin het advocatenkantoor is gevestigd/de gezochte persoon zich bevindt. Deze gegevens mogen uitsluitend worden verstrekt nadat de betrokken personen toestemming hebben gegeven.

Er is geen toestemming nodig in geval van een gegronde reden of wanneer de aanvraag afkomstig is van bepaalde autoriteiten (politie, defensie, justitie, maatschappelijk werk enzovoort) of van natuurlijke personen die met documenten aantonen dat zij een gegronde reden hebben. De lokale registers van persoonsgegevens of de INEPABD beslissen over de verzoeken die zijn ingediend door rechtspersonen.

Het tarief voor een specifieke aanvraag of een aanvraag van geringe omvang bedraagt 1 RON per persoon, en moet worden overgemaakt naar de bankrekening van de overheidsbegroting IBAN nr. RO35TREZ70620330108XXXXX, geopend bij Trezoreria Sector 6 Bucureşti (de schatkist voor sector 6, Boekarest), fiscaal identificatienummer 26362870 (indien de gegevens worden verstrekt door de INEPABD) of op de rekening van de lokale raden (indien de gegevens worden verstrekt door het lokale register van persoonsgegevens).

Elke aanvraag moet zijn voorzien van een belastingzegel van 5 RON. Voor grote aanvragen wordt een tarief van 120 RON per uur in rekening gebracht voor de verwerking in het centrale computersysteem, of 7 RON per uur voor de verwerking in het lokale computersysteem. De overheidsinstellingen die op specifieke terreinen bevoegd zijn (defensie, openbare orde, nationale veiligheid, justitie, financiën, gezondheid enzovoort), zijn vrijgesteld van de belastingheffing voor aanvragen die worden ingediend in de uitoefening van hun taak.

Gegevens over de statutaire zetel van een rechtspersoon kunnen worden opgevraagd bij het Nationale kantoor van het handelsregister (Bd. Unirii nr. 74, tronson 2+3, bl. J3B, Sector 3, Bucureşti; https://portal.onrc.ro/) ) of bij de bureaus van het handelsregister verbonden aan de rechtbank.

Er kunnen gewaarmerkte uittreksels van de gegevens uit het register en de ingediende documenten wordt verstrekt op kosten van de aanvrager. Tevens kan informatie worden opgevraagd over geregistreerde gegevens en verklaringen, aan de hand waarvan kan worden aangetoond dat een document of een feit al dan niet is geregistreerd. Het aanvragen en versturen van documenten kan ook per post plaatsvinden. Documenten worden op verzoek elektronisch afgegeven en online verstuurd, voorzien van een geavanceerde elektronische handtekening.

De formulieren en informatie over de heffingen en bedragen die zijn geïnd voor de levering van specifieke (basis- of geavanceerde) gegevens, historische overzichten of verklaringen zijn te vinden op De link wordt in een nieuw venster geopend.https://www.onrc.ro/index.php/en/ onder "Informatie".

Documenten en gegevens kunnen op grond van een samenwerkingsovereenkomst kosteloos worden verstrekt aan bepaalde autoriteiten, overheidsinstellingen, rechtspersonen, journalisten, vertegenwoordigers van de media en erkende diplomatieke missies.

Via het portaal van de dienst InfoCert kunnen verklaringen en gegevens online worden aangevraagd https://portal.onrc.ro/. Op de verstrekking van documenten via deze dienst zijn de bepalingen betreffende elektronische handtekeningen en elektronische tijdstempels van toepassing. De documenten zijn voorzien van de volgende beveiligingen: gekwalificeerde elektronische handtekening, elektronische tijdstempel, watermerk (grafisch element zichtbaar op de achtergrond van het document), barcodes. Voorbeelden van documenten die deze dienst verstrekt, zijn te vinden op https://portal.onrc.ro/ONRCPortalWeb/appmanager/myONRC/signup?p=infoCert.

Het is mogelijk persoonsgegevens van leden, aandeelhouders of andere personen te verstrekken indien deze via een aanvraag zijn opgevraagd en worden verstrekt bij een loket, of elektronisch verstrekt via de onlinedienst RECOM, en online verstuurd, met geavanceerde elektronische handtekening, of via certificaten. Overheidsinstanties in de sectoren justitie, defensie en nationale veiligheid, belastingen, alsmede vereffenaars en gerechtsdeurwaarders hebben tevens toegang tot andere gegevens.

4.3 Hoe behandelen de autoriteiten in deze lidstaat een verzoek op grond van Verordening (EG) nr. 1206/2001 van de Raad van 28 mei 2001 betreffende de samenwerking tussen de gerechten van de lidstaten op het gebied van bewijsverkrijging in burgerlijke en handelszaken, dat als doel heeft het actuele adres van een persoon vast te stellen?

De rechtbank beoordeelt of een verzoek om bewijsverkrijging ontvankelijk is. De Roemeense rechtbanken ontvangen weinig rechtshulpverzoeken die als doel hebben het adres/de statutaire zetel van een persoon te achterhalen. Het is dan ook moeilijk te beoordelen of er op dat gebied een uniforme praktijk bestaat. Op basis van de beschikbare gegevens kan worden gesteld dat de Roemeense rechtbanken over het algemeen aan die verzoeken voldoen.

5 Hoe verloopt de betekening of kennisgeving van een stuk in de praktijk? Kunnen er alternatieve methoden worden gebruikt (andere dan de vervangende betekening of kennisgeving als bedoeld in punt 7)?

Zie het antwoord op vraag 3.

6 Is elektronische betekening of kennisgeving van stukken (betekening of kennisgeving van gerechtelijke of buitengerechtelijke stukken door middel van elektronische communicatiemiddelen op afstand, zoals e-mail, beveiligde toepassingen op het internet, fax, SMS, enz.) toegestaan in civiele procedures? Zo ja, in welke soorten procedures kan deze methode worden gebruikt? Zijn er beperkingen met betrekking tot de beschikbaarheid/toegankelijkheid van deze methode van betekening of kennisgeving van stukken die afhankelijk zijn van de persoon voor wie het stuk is bestemd (beoefenaar van een juridisch beroep, rechtspersoon, vennootschap of andere economische actor, enz.)?

Processtukken kunnen door de griffier per fax of e-mail worden betekend of met een ander middel die de overdracht van de inhoud van het stuk en de ontvangstbevestiging garandeert als de partij hiervoor de juiste gegevens aan de rechtbank heeft verstrekt. De rechtbank voegt ten behoeve van de bevestiging een formulier bij het processtuk bij dat de geadresseerde moet invullen, met vermelding van de ontvangstdatum, de duidelijk geschreven naam en handtekening van de persoon die bevoegd is tot de ontvangst het poststuk. Dit formulier wordt per fax, e-mail of een ander middel naar de rechtbank gestuurd (artikel 154, lid 6, van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering).

7 "Vervangende" betekening of kennisgeving

7.1 Voorziet het recht van deze lidstaat in andere mogelijke methoden van betekening of kennisgeving in gevallen waarin betekening of kennisgeving aan de persoon voor wie het stuk is bestemd, niet mogelijk is (bv. kennisgeving aan het adres, aan het kantoor van een deurwaarder, per post of door aanplakking)?

Zie het antwoord op vraag 3.

Een stuk moet aan de gedaagde in persoon worden betekend. Ten aanzien van mensen die in een hotel of flatgebouw wonen, geldt dat het stuk aan de beheerder of portier wordt overhandigd (artikel 161 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering).

Het stuk wordt overhandigd aan de eenheid waar de geadresseerde deel van uitmaakt (militaire eenheid, aan de havenmeester voor een bemanningslid van een schip, aan de directie van een gevangenis voor gedetineerden en aan de directie van een ziekenhuis voor personen die in het ziekenhuis zijn opgenomen). De eenheid overhandigt het stuk vervolgens aan de geadresseerde en stuurt de ontvangstbevestiging naar de ambtenaar of rechtstreeks naar de rechtbank (artikelen 161 en 162 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering).

De stukken mogen worden overhandigd aan de persoon die verantwoordelijk is voor het ontvangen van post, de beheerder van het gebouw, de portier, de bewaker, of aan de hoofdkantoren van de volgende instanties (de geadresseerden staan tussen haakjes): het ministerie van Overheidsfinanciën/ander aangewezen orgaan (de staat); de juridisch vertegenwoordigers (lokale overheidsorganen, publiekrechtelijke rechtspersonen); het hoofdkantoor/de dochteronderneming van de vertegenwoordigers (privaatrechtelijke rechtspersonen); een aangewezen vertegenwoordiger (verenigingen, bedrijven, ondernemingen zonder rechtspersoonlijkheid); het huisadres/de zetel (insolvente personen en schuldeisers); het ministerie van Buitenlandse Zaken (medewerkers van diplomatieke missies/consulaten, Roemeense burgers die in dienst zijn bij internationale organisaties en familieleden die bij hen verblijven in het buitenland); de centrale organen die personen naar het buitenland uitzenden of die het gezag hebben over de eenheid die de personen naar het buitenland uitzenden (andere Roemeense burgers die in verband met hun werk in het buitenland verblijven, waaronder de familieleden die bij hen verblijven).

Indien de geadresseerde weigert het stuk in ontvangst te nemen, deponeert de ambtenaar het in de brievenbus. Indien er geen brievenbus is, bevestigt hij een bericht op de deur van de woning van de geadresseerde, waarin onder meer staat vermeld dat de geadresseerde zich de volgende dag, maar uiterlijk binnen zeven dagen na de datum van het bericht (in spoedgevallen 3 dagen) moet melden bij de rechtbank/het gemeentehuis in het district waar hij woont/is gevestigd (indien de geadresseerde zich niet in de gemeente bevindt waar de rechtbank zetelt), opdat het stuk aan hem kan worden betekend.

Indien de geadresseerde niet aanwezig is, overhandigt de ambtenaar het stuk aan een ander persoon (meerderjarig familielid die bij de geadresseerde woont en die de post ontvangt). Indien de geadresseerde in een hotel of flatgebouw woont en niet thuis is, betekent de ambtenaar het stuk aan de beheerder of portier. De ontvanger van stuk ondertekent de ontvangstbevestiging, en de ambtenaar controleert zijn identiteit en handtekening en maakt hiervan een proces-verbaal op. Indien de persoon in kwestie de ontvangstbevestiging niet wil of kan tekenen, maakt de gerechtsdeurwaarder daarvan een proces-verbaal op. Indien deze persoon niet aanwezig is, of wel aanwezig is maar weigert het stuk in ontvangst te nemen, wordt het stuk in de brievenbus gedeponeerd. Indien er geen brievenbus is, wordt een bericht op de voordeur van de woning aangebracht.

In alle gevallen is de ambtenaar verplicht om binnen 24 uur nadat het bericht is gedeponeerd of aan de deur is bevestigd, het stuk en het proces-verbaal bij de rechtbank of het gemeentehuis te deponeren, opdat het stuk aan hem kan worden betekend. Wanneer de partij het stuk heeft ontvangen uit handen van de ambtenaar van het gemeentehuis, is laatstgenoemde verplicht om binnen 24 uur na overhandiging van het stuk, het bewijs te leveren aan de rechtbank dat het stuk is overhandigd, tezamen met het proces-verbaal. Indien de partij zich niet binnen de gestelde termijn bij het gemeentehuis meldt om het stuk in ontvangst te nemen, stuurt de ambtenaar het stuk en het proces-verbaal door naar de rechtbank (artikel 163 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering).

Indien de eiser er niet in slaagt het adres van de verweerder te achterhalen, kan de rechtbank toestemming verlenen voor bekendmaking van de dagvaarding, waarbij het stuk wordt bevestigd op de deur van het gerechtsgebouw, op de hoofdingang van het gerechtsgebouw en op het laatste bekende adres. De rechtbank kan in voorkomend geval ook een bevel geven tot publicatie van de dagvaarding in het officieel publicatieblad van Roemenië/in een landelijk dagblad met een grote oplage. Wanneer toestemming wordt gegeven voor de publicatie van de dagvaarding, benoemt de rechtbank tevens een van de advocaten van de balie tot curator, die zal worden opgeroepen om de belangen van de verweerder tijdens de zittingen te verdedigen.

7.2 Indien andere methoden worden toegepast: wanneer wordt de betekening of kennisgeving van de stukken geacht te hebben plaatsgevonden?

Het stuk wordt geacht te zijn betekend op de datum waarop de ontvangstbevestiging is getekend of het proces-verbaal is opgemaakt, ongeacht of de partij het processtuk al dan niet persoonlijk heeft ontvangen. Indien het stuk ter betekening per post of per koerier is verzonden, wordt het stuk geacht te zijn betekend op de datum waarop de partij de ontvangstbevestiging heeft getekend of de postbezorger of de koerier de weigering van de partij om het stuk in ontvangst te nemen schriftelijk heeft vastgelegd. Indien de betekening per fax, per e-mail of via een ander middel wordt verricht, wordt het stuk geacht te zijn betekend op de datum vermeld op het verzendrapport dat wordt gewaarmerkt door de griffier die het stuk heeft verstuurd (artikel 165 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering).

Indien de geadresseerde weigert het stuk in ontvangst te nemen en er geen brievenbus is, bevestigt de ambtenaar een bericht op de deur. Daarin wordt de geadresseerde verzocht het stuk af te halen bij de rechtbank of het gemeentehuis. Indien de geadresseerde zich niet meldt, wordt het stuk geacht te zijn betekend na afloop van de afhaaltermijn (artikel 163 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering).

Ingeval het stuk is gepubliceerd, wordt het stuk geacht te zijn betekend op de vijftiende dag na publicatie (artikel 167 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering).

7.3 Indien een andere methode van betekening of kennisgeving inhoudt dat de stukken op een bepaalde plaats worden neergelegd (bv. op een postkantoor): hoe wordt de persoon voor wie de stukken zijn bestemd, daarvan op de hoogte gebracht?

Indien de geadresseerde niet aanwezig is, overhandigt de ambtenaar of de postbezorger het stuk aan een ander persoon. Indien laatstgenoemde persoon aanwezig is maar weigert het stuk in ontvangst te nemen, wordt het stuk in de brievenbus van die persoon gedeponeerd. Indien er geen brievenbus is, wordt een bericht aan de voordeur van de woning van de geadresseerde of van een ander persoon bevestigd. De ambtenaar is verplicht om binnen 24 uur nadat het bericht is gedeponeerd of aan de deur is bevestigd, het stuk en het proces-verbaal te deponeren bij de rechtbank of het gemeentehuis in het district waar de geadresseerde woont/is gevestigd, opdat het stuk aan hem kan worden betekend.

7.4 Wat zijn de gevolgen wanneer de persoon voor wie de stukken zijn bestemd, de betekening of kennisgeving weigert? Wordt de betekening of kennisgeving van de stukken geacht effectief te hebben plaatsgevonden wanneer de weigering niet rechtmatig was?

Het stuk wordt geacht te zijn betekend op de datum waarop het proces-verbaal is opgemaakt, ongeacht of de partij het stuk al dan niet persoonlijk heeft ontvangen. Indien het stuk ter betekening per post of per koerier is verzonden, wordt het stuk geacht te zijn betekend op de datum waarop de postbezorger of de koerier de weigering van de partij om het stuk in ontvangst te nemen schriftelijk heeft vastgelegd (artikel 165 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering).

Indien de geadresseerde het stuk in ontvangst neemt maar de ontvangstbevestiging niet wil of kan tekenen, maakt de ambtenaar daarvan een proces-verbaal op. Indien de geadresseerde weigert het stuk in ontvangst te nemen, deponeert de ambtenaar het stuk in de brievenbus. Indien er geen brievenbus is, bevestigt hij een bericht aan de voordeur van de woning van de geadresseerde en maakt een proces-verbaal op. In het bericht wordt de geadresseerde meegedeeld dat hij zich bij de rechtbank of het gemeentehuis moet melden om het stuk in ontvangst te nemen. Indien de geadresseerde zich niet meldt, wordt het stuk geacht te zijn betekend (artikel 163 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering).

De partij die voor de rechtbank verschijnt in persoon, of vertegenwoordigd door zijn advocaat of een andere vertegenwoordiger, is verplicht de processtukken in ontvangst te nemen die tijdens de zitting aan hem worden betekend. Indien de ontvangst wordt geweigerd, worden de stukken geacht te zijn betekend door toevoeging aan het dossier. De partij kan de stukken uit het dossier op verzoek krijgen en moet daarbij voor ontvangst tekenen (artikel 170 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering).

8 Betekening of kennisgeving per post vanuit het buitenland (artikel 14 van de verordening inzake de betekening en de kennisgeving van stukken)

8.1 Indien de post een stuk moet afgeven dat in het buitenland is verzonden aan een persoon in deze lidstaat en waarvoor een ontvangstbevestiging is vereist (artikel 14 van de verordening), levert de post het stuk dan uitsluitend aan de persoon zelf voor wie het stuk is bestemd, of mag hij op grond van de nationale voorschriften inzake postbestelling het stuk ook aan een andere persoon afleveren op hetzelfde adres?

Indien de geadresseerde niet aanwezig is, kan het stuk aan een ander persoon worden overhandigd (meerderjarig familielid die bij de geadresseerde woont en die de post ontvangt). Indien de geadresseerde in een hotel of flatgebouw woont en niet thuis is, kan het stuk aan de beheerder of portier worden betekend (artikel 163, punt 6 en 7, van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering).

8.2 Hoe kan de betekening of kennisgeving van stukken uit het buitenland in de zin van artikel 14 van Verordening nr. 1393/2007 krachtens de voorschriften inzake postbestelling van deze lidstaat, plaatsvinden wanneer noch de persoon voor wie het stuk is bestemd, noch een andere persoon (indien mogelijk volgens de nationale voorschriften inzake postbestelling — zie hierboven) op het afleveringsadres werd bereikt?

Post wordt slechts één keer bezorgd. Indien de geadresseerde of de persoon die gemachtigd is post in ontvangst te nemen niet thuis is, wordt een afhaalbericht achtergelaten. Daarin wordt meegedeeld dat het stuk binnen tien dagen kan worden afgehaald bij het postkantoor. Indien de geadresseerde zich niet meldt, wordt na twee werkdagen een tweede afhaalbericht gestuurd met de mededeling dat het stuk binnen tien dagen kan worden afgehaald bij het postkantoor.

8.3 Is er in een specifieke termijn voorzien voor afhaling van de stukken op het postkantoor alvorens de stukken als niet-afgeleverd worden teruggezonden? Zo ja, hoe wordt de persoon voor wie de stukken zijn bestemd, op de hoogte gebracht van het feit dat hij of zij post kan afhalen op het postkantoor?

Na het tweede afhaalbericht wordt het poststuk gedurende tien dagen op het postkantoor bewaard, waarna het wordt teruggestuurd aan de afzender. De geadresseerde wordt via het afhaalbericht geïnformeerd dat er een poststuk voor hem is dat bij het postkantoor kan worden afgehaald.

9 Is er een schriftelijk bewijs dat de betekening of kennisgeving heeft plaatsgevonden?

Het bewijs dat het poststuk is ontvangen of het proces-verbaal dat is opgesteld door de ambtenaar (artikel 164 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering), evenals de ondertekende ontvangstbevestiging wanneer de stukken zijn betekend door verzending per aangetekende post met ontvangstbevestiging (artikel 155, punt 13, van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering).

10 Wat zijn de gevolgen indien er iets misloopt en de persoon voor wie het stuk is bestemd, het stuk niet ontvangt of indien de betekening of kennisgeving onrechtmatig plaatsvindt (bv. omdat de betekening of kennisgeving aan een derde werd verricht)? Kan de betekening of kennisgeving toch geldig zijn (bv. kan een onrechtmatigheid ongedaan worden gemaakt) of moet deze worden overgedaan?

• uitstel van de rechtszaak; de rechtbank stelt de rechtszaak uit en beveelt de partij te dagvaarden indien zij constateert dat de afwezige partij niet overeenkomstig de wettelijke voorschriften is gedagvaard, op straffe van nietigheid (artikel 153 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering);

• nietigverklaring van processtukken indien iemand niet of niet volgens de regels is gedagvaard: procedureel bezwaar wegens het ontbreken van de dagvaarding of een foutief betekende dagvaarding;

• grond voor het instellen van buitengewoon rechtsmiddel (beroep tot nietigverklaring of herziening);

• grond voor weigering tot erkenning en tenuitvoerlegging van een beslissing van een buitenlandse rechtbank (exequatur);

11 Moet er voor de betekening of kennisgeving worden betaald, en zo ja, hoeveel?

Zie het antwoord op vraag 3.


De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken EJN-contactpunten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. Het EJN en de Commissie aanvaarden geen enkele verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor informatie of gegevens in dit document of waarnaar in dit document wordt verwezen. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Laatste update: 12/01/2017