• ECLI:BE:CASS:2021:CONC.20210415.1F.4

    Als u dit systeem gebruikt, gaan we ervan uit dat u instemt met de gebruiksvoorwaarden en de disclaimer, en ook met de regels, beperkingen en voorwaarden ten aanzien van de toegang tot gegevens die door ECLI-aanbieders worden verstrekt.
    FRNL
    • Land of instantie:België
    • Gerecht:België - Hof van Cassatie (CASS)
    • Soort gerechtelijke uitspraak:Conclusie
    • Datum gerechtelijke uitspraak:15/04/2021
    • Datum van publicatie:03/05/2021
    • Tekst gerechtelijke uitspraak:
      https://juportal.just.fgov.be/content/ViewDecision.php?id=ECLI:BE:CASS:2021:CONC.20210415.1F.4&lang=nl
    • Rechtsgebied:Burgerlijk recht
      Deze metagegevens zijn enkel beschikbaar in de volgende talen: FROverigeConstitutioneel recht
    • Uitgever:België
      Federale Overheidsdienst Justitie - België
    • Titel:Deze metagegevens zijn enkel beschikbaar in de volgende talen: FR
    • Samenvatting:Wanneer voor het Hof de vraag rijst of artikel 100, eerste lid, 1°, Wet Rijkscomptabiliteit, de artikelen 10, 11 en 16 Grondwet schendt in zoverre dit het aanvangspunt van de vijfjarige verjaring van  Meer weergeven
      een rechtsvordering tot vergoeding van schade op grond van een buitencontractuele aansprakelijkheid van de overheid vaststelt op één januari van het begrotingsjaar in de loop waarvan de schuldvordering is ontstaan, wanneer de benadeelde kennis heeft van de schade en van de identiteit van de daarvoor aansprakelijke persoon vóór het verstrijken van de vijfjarige termijn, terwijl, volgens artikel 2262bis, § 1, tweede lid, Oud Burgerlijk Wetboek, alle rechtsvorderingen tot vergoeding van schade op grond van buitencontractuele aansprakelijkheid verjaren door verloop van vijf jaar vanaf de dag volgend op die waarop de benadeelde kennis heeft gekregen van de schade en van de identiteit van de daarvoor aansprakelijke persoon, stelt het Hof een prejudiciële vraag aan het Grondwettelijk Hof. Minder weergeven
       
      Vertaling nog niet beschikbaar
    • Beschrijving:VERJARING - BURGERLIJKE ZAKEN - Termijnen (Aard. Duur. Aanvang. Einde)
      AANSPRAKELIJKHEID BUITEN OVEREENKOMST - HERSTELPLICHT - Staat. Overheid
      PREJUDICIEEL GESCHIL
      GRONDWETTELIJK HOF
      Aanvang - Buitencontractuele aansprakelijkheid van de overheid - Termijn van vijf jaar - Kennis van de schade en van de identiteit van de aansprakelijke vóór het verstrijken van de termijn - Eén janua Meer weergeven
      ri van het begrotingsjaar in de loop waarvan de schuldvordering is ontstaan - Eén januari van het begrotingsjaar in de loop waarvan de schade en de identiteit van de aansprakelijke vaststonden - Prejudiciële vraag aan het Grondwettelijk Hof Minder weergeven
       
      Verjaring - Aanvang - Buitencontractuele aansprakelijkheid van de overheid - Termijn van vijf jaar - Kennis van de schade en van de identiteit van de aansprakelijke vóór het verstrijken van de termijn Meer weergeven
      - Eén januari van het begrotingsjaar in de loop waarvan de schuldvordering is ontstaan - Eén januari van het begrotingsjaar in de loop waarvan de schade en de identiteit van de aansprakelijke vaststonden - Prejudiciële vraag aan het Grondwettelijk Hof Minder weergeven
       
      Grondwettelijk Hof - Verjaring - Aanvang - Buitencontractuele aansprakelijkheid van de overheid - Termijn van vijf jaar - Kennis van de schade en van de identiteit van de aansprakelijke vóór het verst Meer weergeven
      rijken van de termijn - Eén januari van het begrotingsjaar in de loop waarvan de schuldvordering is ontstaan - Eén januari van het begrotingsjaar in de loop waarvan de schade en de identiteit van de aansprakelijke vaststonden Minder weergeven
       
      Prejudiciële vraag - Verjaring - Aanvang - Buitencontractuele aansprakelijkheid van de overheid - Termijn van vijf jaar - Kennis van de schade en van de identiteit van de aansprakelijke vóór het verst Meer weergeven
      rijken van de termijn - Eén januari van het begrotingsjaar in de loop waarvan de schuldvordering is ontstaan - Eén januari van het begrotingsjaar in de loop waarvan de schade en de identiteit van de aansprakelijke vaststonden Minder weergeven
       
    • Authentieke talen:FR
    • Aangemaakt door:Hof van Cassatie van België
    • Aangeleverd door:STORCK CHRISTIAN, Voorzitter
      ERNOTTE MARIE-CLAIRE, Assessor
      GEUBEL SABINE, Assessor
      JACQUEMIN ARIANE, Assessor
      LEMAL MICHEL, Assessor
      WERQUIN THIERRY, Openbaar ministerie
      DE WADRIPONT PATRICIA, Griffier
    • Bereik:België
    • Soort toegang:Openbare (gerechtelijke uitspraken die tot het publieke domein behoren)
    • Referentie:
      • Bijzondere wet op het Arbitragehof van 6 januari 1989 - 06-01-1989 - Art. 26, § 1, 3° - 30
      • ELI http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/wet/1989/01/06/1989021001/justel
      • Gecoördineerde wetten 17 juli 1991 op de Rijkscomptabiliteit - 17-07-1991 - Art. 100, eerste lid, 1° - 46
      • ELI http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/wet/1991/07/17/1991071751/justel
      • oud Burgerlijk Wetboek - 21-03-1804 - Art. 2262bis, § 1, tweede lid - 30
      • ELI http://www.ejustice.just.fgov.be/eli/wet/1804/03/21/1804032150/justel
      • Gecoördineerde wetten 17 juli 1991 op de Rijkscomptabiliteit - 17-07-1991 - Art. 100 - 46
      • Rolnummer C.20.0198.F
      • ECLI (Gevolgd door) ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210415.1F.4
/eclisearch 1.7.5 build-48884887127f79fca02ac272f9d5c168186d6dbc