1. Handelingsbevoegdheid van minderjarigen
Strafrecht
In Nederland is de minimumleeftijd voor strafrechtelijke vervolging 12 jaar.
Civielrecht
Binnen het civielrecht geldt over het algemeen dat minderjarigen volgens de wet handelingsonbekwaam zijn. Daarop is een uitzondering te vinden in Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek (BW). Conform artikel 1:234 BW mag een minderjarige wel rechtshandelingen verrrichten, mits hij dit doet met toestemming van zijn wettelijke vertegenwoordiger en voor zover de wet niet anders bepaalt. De toestemming kan slechts worden verleend voor een bepaalde rechtshandeling of voor een bepaald doel en alleen indien het een rechtshandeling betreft ten aanzien waarvan "in het maatschappelijk verkeer gebruikelijk is dat minderjarigen van zijn leeftijd deze zelfstandig verrichten".
Wanneer de minderjarige geen toestemming kan verkrijgen, omdat het een verschil betreft ten aanzien van de omgangsregeling tussen kind en ouders/voogd, kan de minderjarige een brief schrijven aan de rechter. De rechter kan vervolgens ertoe beslissen een bijzonder curator toe te wijzen om het kind in een eventuele procedure te vertegenwoordigen.
2. Toegang tot passende procedures
Strafrecht
Minderjarige verdachten (van 12 tot 18 jaar) worden volgens het jeugdstrafrecht berecht. Het jeugdstraf- en strafprocesrecht heeft een pedagogisch karakter met als algemeen uitgangspunt het voorkomen van recidive. Het pedagogisch karakter blijkt enerzijds uit een apart sanctiestelsel dat is gericht op een positieve gedragsbeïnvloeding van de jeugdige. Anderzijds bestaan er een aantal aparte strafproceswaarborgen die zijn gericht op een speciale benadering van de jeugdige gedurende het strafproces. Zo wordt de strafzaak door een kinderrechter behandeld en wordt de jeugdige bijgestaan door een advocaat die gespecialiseerd is in het jeugdstrafrecht. Strafzaken tegen minderjarige verdachten worden in beginsel achter gesloten deuren behandeld en de minderjarige verdachte en diens ouders dienen aanwezig te zijn bij de zitting. Ook is er een vertegenwoordiger van de Raad voor de Kinderbescherming op de zitting aanwezig. Die voorziet de kinderrechter van informatie omtrent de persoon van de minderjarige verdachte en formuleert een strafadvies.
Adolescente verdachten (van 16 tot 23 jaar) krijgen soms een bijzondere behandeling. De rechter kan minderjarige verdachten van 16 en 17 jaar als volwassenen bestraffen en meerderjarige verdachten van 18 tot 23 jaar een jeugdstraf opleggen.
Civielrecht
Voor minderjarigen heeft de Rechtspraak een informele rechtsingang bedacht om hen zo in staat te stellen vragen te stellen over hun rechten en plichten. Op deze manier kunnen minderjarigen per e-mail, brief of telefoon vragen stellen aan de rechter. Voor kinderen van 12 jaar of jonger geldt dat zij een informeel verzoek kunnen indienen wanneer zij het oneens zijn met de gezags- of omgangsregeling. Voor kinderen vanaf 12 jaar geldt dat zij ook formele verzoeken kunnen indienen in de volgende situaties: 1. Het kind staat onder toezicht van een gezinsvoogd en wil dat de rechter dit toezicht opheft; 2. Het kind staat onder toezicht van een gezinsvoogd en wil protesteren tegen een schriftelijke verplichting die hij heeft opgelegd gekregen; 3. Het kind is uit huis geplaatst en wil dat de uithuisplaatsing minder lang duurt of helemaal stopt. Tenslotte, kunnen jongeren van 16 en 17 jaar ook formele verzoeken indienen ten aanzien van een arbeidsovereenkomst, het verkrijgen van rechten van meerderjarigen of het verkrijgen van gezag over een kind (als minderjarige moeder) (art. 1:253ha BW). Meer informatie hierover is te vinden op Recht voor jou en Rijksoverheid.nl.
Kinderen tussen de 8 jaar en 18 jaar kunnen wel worden uitgenodigd door de rechter voor een kindgesprek in familiezaken. Een uitzondering hierop zijn alimentatiezaken waarbij alleen minderjarigen vanaf 16 jaar kunnen worden uitgenodigd voor een kindgesprek.
Voor juridisch advies kan een minderjarige ook contact opnemen met de Kinder- en Jongerenrechtswinkel.
3. Wetten en maatregelen om termijnen te verkorten in gevallen waarbij minderjarigen betrokken zijn
Strafrecht
In artikel 6, eerste lid, EVRM is het recht van iedere verdachte gewaarborgd om binnen een redelijke termijn te worden berecht. Voor minderjarige verdachten geldt dat de behandeling van de strafzaak in beginsel binnen zestien maanden moet zijn afgerond.
In Nederland zijn daarom voor de onderscheiden trajecten in de jeugdstrafrechtsketen normen vastgesteld voor de doorlooptijden. Deze normen zien niet enkel op de behandeling van de strafzaak maar zien op het proces van het eerste politiecontact tot de afhandeling van de strafzaak bij de rechter. De gedachte achter deze normen is dat sancties voor jeugdigen meer effect hebben naarmate ze sneller worden uitgevoerd.
Civielrecht
In het civielrecht zijn er geen speciale bepalingen om termijnen te verkorten in zaken waar minderjarigen bij betrokken zijn.
4. Speciale mechanismen en procedures voor ondersteuning aan het kind en de belangen van het kind
Strafrecht
Indien een minderjarige verdachte is aangehouden heeft hij recht op consultatiebijstand voorafgaand aan het eerste verhoor. Hiervan kan een jeugdige geen afstand doen. Daarnaast heeft de minderjarige ook het recht op rechtsbijstand tijdens een politieverhoor. Ook hiervan kan geen afstand worden gedaan.
Op dit moment geldt er in Nederland een tijdelijke regeling, die inhoudt dat een verdachte ook het recht heeft op gefinancierde rechtsbijstand indien deze wordt ontboden op het politiebureau. Deze tijdelijke regeling loopt totdat de wet is aangepast.
Indien de minderjarige verdachte wordt vervolgd en er sprake is van een midden/hoog recidive risico of hij een “ zwaar “ delict heeft gepleegd, zal de Raad van de Kinderbescherming ten behoeve van de Officier van Justitie en/of rechtbank een raadsonderzoek starten. Hierin wordt onderzoek gedaan naar de minderjarige verdachte in relatie tot het feit om zo een passend strafadvies te geven. Zij zullen hierbij altijd de belangen van het kind in acht nemen.
Civielrecht
In zaken waarbij het (ook) gaat om de belangen van minderjarigen zijn er verschillende manieren waarop deze belangen gewaarborgd kunnen worden.
De minderjarige kan zelf een advocaat nemen om zijn belangen te behartigen. De minderjarigen kan hiervoor gesubsidieerde rechtsbijstand aanvragen. Of de minderjarige dit zelf kan aanvragen hangt af van zijn of haar leeftijd en of de minderjarige thuis woont. Anders dient een ouder de aanvraag voor de minderjarige te doen. De juridische bijstand voor een minderjarige is (bijna) altijd gratis.
In sommige zaken kan er ook een bijzonder curator aan de minderjarige worden toegewezen. De bijzonder curator vertegenwoordigt de belangen van het kind en komt op voor de belangen van het kind in de rechtszaal, maar ook daarbuiten. Een kind, een ouder of de rechter kan om een bijzondere curator vragen in zaken waarbij de belangen van kinderen behartigd moeten worden.
Verder zijn er in sommige rechtsgebieden (zoals het personen- en familierecht) speciale procedures en regels vastgesteld voor zaken waarbij minderjarigen betrokken zijn. Deze procedures zijn vaak ontworpen met het oog op de specifieke behoeften en belangen van kinderen. Minderjarigen hebben in bepaalde zaken waarbij het geschil bijvoorbeeld tussen de ouders van de minderjarigen afspeelt ook het recht om gehoord te worden door de rechtbank. Dit wordt het hoorrecht genoemd. Kinderen worden vanaf twaalf jaar standaard door de rechter uitgenodigd voor een kindgesprek. Een kind is niet verplicht hieraan deel te nemen. Ook minderjarigen jonger dan twaalf jaar kunnen door de rechter in de gelegenheid worden gesteld om hun mening kenbaar te maken, bijvoorbeeld als zij dit zelf bij de rechter hebben aangegeven. De rechter is echter niet verplicht om ook deze minderjarigen te horen.
5. Tenuitvoerlegging van beslissingen die minderjarigen betreffen
Strafrecht
Indien er een straf wordt opgelegd aan een minderjarige, wordt deze uitgevoerd door een gespecialiseerde instantie.
Zo zijn er buitenstrafrechtelijke interventies leer- en werkstraffen die worden uitgevoerd door de jongerenorganisatie Halt.
Indien er in onder strafrechtelijke titel een leer- of werkstraf wordt opgelegd, wordt deze door de Raad van de Kinderbescherming gecoördineerd. Zij zorgen voor een passende taakstraf, zorgt ervoor dat de minderjarige deze kan uitvoeren en houdt toezicht op de uitvoering. Daarnaast kan ook besloten worden dat de minderjarige begeleiding nodig heeft voor een bepaalde periode. Dit wordt gedaan door de jeugdreclassering.
Ook kan er sprake zijn van een vrijheidsbenemende straf. De minderjarigen worden dan geplaatst in een Justitiële jeugdinrichting. Hier zitten enkel jongeren die volgens het jeugdstrafrecht zij berecht. Hier krijgen ze scholing, zorg en begeleiding met een pedagogische insteek.
Civielrecht
Bij de tenuitvoerlegging van beslissingen die minderjarigen betreffen, houdt de rechtbank rekening met de speciale omstandigheden van de minderjarige, zoals zijn of haar leeftijd. De rechtbank zorgt er ook voor dat de uitspraak op een kindvriendelijke manier wordt uitgelegd, zodat het kind begrijpt waarom bepaalde beslissingen zijn genomen. Deze beslissingen kunnen betrekking hebben op zaken als alimentatie, erfenissen, voogdijregelingen. Het kan zijn dat de rechtbank een bewindvoerder benoemd om toezicht te houden op de uitvoering van de beslissingen. De bescherming van de belangen van het kind staat altijd voorop bij de tenuitvoerlegging van beslissingen die minderjarigen betreffen. Dit kan betekenen dat de rechtbank extra maatregelen neemt om ervoor te zorgen dat de uitvoering van de beslissing het welzijn en de belangen van het kind ten goede komt. Al met al is de tenuitvoerlegging van beslissingen die minderjarigen betreffen een zorgvuldig proces waarbij rekening wordt gehouden met de specifieke behoeften en belangen van het kind, en waarbij de bescherming van het kind altijd voorop staat.
6. Adoptie
Bij procedures omtrent een adoptieverzoek nemen kinderen ook deel door middel van een kindgesprek. De rechtbank roept kinderen vanaf 8 jaar op via een brief voor een kindgesprek. In sommige gevallen nodigt de rechter ook kinderen uit die jonger dan 8 jaar zijn. Het is voor de rechter belangrijk om ook de mening van het kind over de adoptie te horen. Het kindgesprek duurt zo'n 20 minuten. De ouders en beoogde adoptieouders mogen niet aanwezig zijn bij dit gesprek.