1 Wat betekent tenuitvoerlegging in burgerlijke en handelszaken?
Gedwongen tenuitvoerlegging is de procedure voor gedwongen invordering of voor het veiligstellen van de vorderingen van schuldeisers op schuldenaren. Alleen de staat is bevoegd om de tenuitvoerlegging via zijn instellingen af te dwingen.
De schuldeiser beschikt over verschillende maatregelen om zijn rechten te doen gelden:
- beslag op materiële zaken;
- beslag op vorderingen en andere vermogensrechten (met name beslag op bankrekeningen en loonbeslag);
- vermogensverklaring;
- dwangmaatregelen om de schuldenaar tot afgifte van goederen of tot handelen of nalaten te verplichten;
- vestiging van een hypotheek tot zekerstelling van een vordering;
- gedwongen openbare verkoop;
- gedwongen onderbeheerstelling.
In Duitsland wordt de gedwongen tenuitvoerlegging voornamelijk beheerst door de artikelen 704 en volgende van het Duits Wetboek van burgerlijke rechtsvordering (ZPO, Zivilprozessordnung) en de Duitse Wet inzake gedwongen openbare verkoop en gedwongen onderbeheerstelling (ZVG, Gesetz über die Zwangsversteigerung und Zwangsverwaltung).
De artikelen 946 en volgende van het Duitse Wetboek voor burgerlijke rechtsvordering bevatten bepalingen die verband houden met Verordening (EU) nr. 655/2014, waarin de grensoverschrijdende tenuitvoerlegging van vorderingen tussen lidstaten van de Europese Unie wordt geregeld.
2 Welke instantie of instanties zijn bevoegd voor tenuitvoerlegging?
Het Amtsgericht (kantongerecht) van de woonplaats van de schuldenaar is bevoegd voor de tenuitvoerlegging van vorderingen en andere vermogensrechten. Als de schuldenaar geen woonplaats op het nationale grondgebied heeft, ligt de bevoegdheid bij het gerecht in de plaats waar de goederen zich bevinden (artikelen 13, 23 en 828 ZPO).
In geval van gedwongen openbare verkoop en gedwongen onderbeheerstelling is het Amtsgericht in de plaats waar de onroerende zaak zich bevindt, bevoegd (artikel 869 ZPO in samenhang met artikel 1 ZVG).
Een hypotheek tot zekerstelling van een vordering wordt ingeschreven door het kadaster bij het Amtsgericht dat het kadaster houdt (artikel 867 ZPO, artikel 1 van de kadasterwet (Grundbuchordnung)).
Het gerecht waar de zaak in eerste aanleg aanhangig is, heeft bevoegdheid voor de gedwongen tenuitvoerlegging die als doel heeft iemand te dwingen iets te doen, iets te dulden of iets na te laten (artikelen 887, 888 en 890 ZPO).
3 Onder welke voorwaarden mag een executoriale titel of beslissing worden uitgevaardigd?
3.1 De procedure
Welke procedure wordt gebruikt, hangt af van de gevraagde executiemaatregel. De gedwongen tenuitvoerlegging vindt plaats op basis van in kracht van gewijsde gegane of voorlopig uitvoerbaar verklaarde eindvonnissen (artikel 704 ZPO), beschikkingen tot conservatoir beslag en beschikkingen in kort geding (artikelen 929 en 936 ZPO) en de andere executoriale titels die worden genoemd in artikel 794 ZPO; naast de gerechtelijke titels gaat het in het bijzonder ook om buitengerechtelijke schikkingen die zijn aangegaan voor een bemiddelingsinstantie, schikkingen die zijn aangegaan met behulp van een advocaat (Anwaltsvergleiche) en notariële akten. Met de executoriale titel kan bij de bevoegde instantie om een executiemaatregel worden verzocht.
In de regel beslist de rechtbank over het verzoek van de schuldeiser, zonder de schuldenaar vooraf te hebben gehoord teneinde de tenuitvoerlegging niet in gevaar te brengen. Het recht te worden gehoord, wordt in het kader van de maatregel toegekend. Over het verzoek wordt via een beschikking beslist. De beslissingen van de rechtbank kunnen door middel van een bezwaar (Erinnerung, artikel 766 ZPO) of een onmiddellijk beroep (sofortige Beschwerde, artikel 793 ZPO) worden aangevochten.
In beginsel is in tenuitvoerleggingsprocedures vertegenwoordiging door een advocaat niet verplicht (artikel 78 ZPO).
De belangrijkste taak van de gerechtsdeurwaarder is de tenuitvoerlegging op roerende zaken. De gerechtsdeurwaarder is in het bijzonder bevoegd om de schuldenaar in termijnen te laten betalen en zo te streven naar een snelle en minnelijke afwikkeling (artikel 802b ZPO) van de tenuitvoerleggingsprocedure. Een andere essentiële taak van de gerechtsdeurwaarder is de afname van de vermogensverklaring die de schuldenaar onder ede dient af te leggen. Daarnaast is hij bevoegd voor:
- de tenuitvoerlegging van verplichtingen inzake het leveren van roerende en onroerende zaken (ontruiming);
- het breken van het verzet van de schuldenaar tegen handelingen die hij moet aanvaarden;
- op initiatief van de partijen betekening verrichten die noodzakelijk is voor de gedwongen tenuitvoerlegging;
- de tenuitvoerlegging van beschikkingen tot conservatoir beslag en beschikkingen in kort geding (voor zover dat niet onder de bevoegdheid van de rechter valt);
- de tenuitvoerlegging van aanhoudingsbevelen na de weigering om de vermogensverklaringen af te leggen.
Een gerechtsdeurwaarder is een gerechtelijk ambtenaar van een deelstaat en staat onder toezicht van de directeur of president van het Amtsgericht waar hij onder valt. Bij de uitvoering van uitvoeringsbevelen treedt hij op als autonome assistent van justitie en oefent hij in beginsel openbaar gezag uit zonder instructies te ontvangen. De handelingen en kostentoewijzing van de gerechtsdeurwaarder kunnen door middel van een Erinnerung worden aangevochten, overeenkomstig punt 766 ZPO. Hetzelfde geldt als de gerechtsdeurwaarder weigert om een opdracht uit te voeren. De met de tenuitvoerlegging belaste rechter beslist over bezwaren met betrekking tot de wijze waarop de gedwongen tenuitvoerlegging plaatsvindt.
Kosten van executiemaatregelen
Afhankelijk van het toegekende recht zijn er in de wet verschillende executiemaatregelen vastgesteld; de executiekosten verschillen afhankelijk van het soort maatregel.
- a. Beslag op materiële zaken
Als de betaling van een bepaalde geldsom is erkend, vertrouwt de schuldeiser het innen van de vordering doorgaans toe aan een gerechtsdeurwaarder. Een beslag op roerende goederen van de schuldenaar door de gerechtsdeurwaarder kost 31,20 EUR conform punt 205 van de tarievenlijst (Kostenverzeichnis) bij de Wet inzake de kosten voor gerechtsdeurwaarders (Gerichtsvollzieherkostengesetz). De (al dan niet openbare) verkoop van de zaak waarop beslag is gelegd als verkoop op locatie of verkoop op internet via een veilingplatform, of iedere andere wijze van tegeldemaking van de zaak, kost 62,40 EUR extra overeenkomstig punt 300 van de tarievenlijst bij de Wet inzake de kosten voor gerechtsdeurwaarders. Naast deze kosten worden er conform punt 500 van de tarievenlijst bij de Wet inzake de kosten voor gerechtsdeurwaarders toeslagen geheven als de ambtshandeling langer dan drie uur duurt, zoals blijkt uit het proces-verbaal van de gerechtsdeurwaarder. Deze toeslag bedraagt 24,00 EUR per aangevangen uur. Daarbij komt nog de vergoeding van de noodzakelijke kosten/uitgaven van de gerechtsdeurwaarder, met name de reiskosten (punt 711 van de tarievenlijst bij de Wet inzake de kosten voor gerechtsdeurwaarders).
- b. Beslag op vorderingen
Op basis van een betalingstitel (Zahlungstitel) kan bovendien worden verzocht om gerechtelijk beslag op een vordering van de schuldenaar (bijvoorbeeld beslag op zijn salaris) en de overdracht van deze vordering, met betalingen die op de schuld in mindering worden gebracht of waarbij de vordering van de schuldeiser op de schuldenaar wordt voldaan (de artikelen 829 en 835 ZPO). Doorgaans wordt in één beslissing (van beslag en overdracht) gezamenlijk verzocht om het beslag en de overdracht. De procedure voor dit verzoek kost 24,00 EUR overeenkomstig punt 2111 van de tarievenlijst bij de Wet inzake gerechtskosten (Gerichtskostengesetz). Daar komen nog bij de kosten die de gerechtsdeurwaarder heeft gemaakt voor de betekening van de beslissing tot het beslag en de overdracht aan de derde-beslagene en de schuldenaar.
- c. Afname van de vermogensverklaring
Voor de ontvangst van een vermogensverklaring brengt de gerechtsdeurwaarder een vergoeding van 39,50 EUR in rekening overeenkomstig punt 260 van de tarievenlijst bij de Wet inzake de kosten voor gerechtsdeurwaarders.
- d. Tenuitvoerlegging op onroerende zaken
De gedwongen tenuitvoerlegging betreffende onroerende zaken van de schuldenaar gebeurt door het vestigen van een hypotheek in het kadaster teneinde de vordering zeker te stellen, door gedwongen openbare verkoop of door gerechtelijke onderbeheerstelling van de onroerende zaak.
Voor het vestigen van een hypotheek in het kadaster wordt er conform punt 14121 van de tarievenlijst bij de Wet inzake gerechts- en notariskosten (Gerichts- und Notarkostengesetz) een vergoeding geheven volgens een tarief van 1,0 punt van de waarde van de zeker te stellen vordering (artikel 53, lid 1, van de Wet inzake gerechts- en notariskosten). Er is een overzicht van deze vorderingsrechten tot 3 miljoen EUR opgenomen in bijlage 1.
De gerechtskosten voor de procedures die worden bedoeld in de ZVG worden vastgesteld volgens deel 2, hoofdstuk 2, secties 1 en 2, van de tarievenlijst bij de Wet inzake gerechtskosten. Voor de beslissing over een verzoek om een bevel tot openbare verkoop van een onroerende zaak of om toelating tot de procedure bedraagt de te betalen vergoeding 120,00 EUR. Bovendien dient er een algemene vergoeding voor de procedure te worden betaald, evenals een vergoeding voor het houden van ten minste één openbare verkoop met een uitnodiging voor inschrijvingen, een vergoeding voor de veiling en een vergoeding voor de verdeling van de opbrengst van de verkoop. Elk van deze vergoedingen is vastgesteld op een tarief van 0,5 punt. De hoogte van de algemene vergoeding voor de procedure en de vergoeding voor het houden van de openbare verkoop wordt iedere keer gebaseerd op de waarde van de onroerende zaak die is vastgesteld door de bevoegde rechter (verkoopwaarde, artikel 54, lid 1, van de Wet inzake gerechtskosten). De vergoedingen voor de verdeling van de opbrengst van de verkoop worden vastgesteld op basis van de laatste verkoop, zonder rente, met inbegrip van de waarde van de residuele rechten die zijn vastgesteld in de veilingvoorwaarden (artikel 54, leden 2 en 3, van de Wet inzake gerechtskosten). Bij de vergoedingen voor de veiling moet bovendien rekening worden gehouden met het bedrag waarmee de bieder geacht wordt genoegdoening uit de opbrengst van de verkoop van de onroerende zaak te hebben verkregen (artikel 54, lid 2, van de Wet inzake gerechtskosten). Er is een overzicht van deze vorderingsrechten tot 500 000 EUR opgenomen in bijlage 2. Naast deze vergoedingen moeten de proceskosten apart worden betaald conform deel 9 van de tarievenlijst bij de Wet inzake gerechtskosten, met name de kosten die uit hoofde van de Wet inzake justitiële beloning en vergoeding (Justizvergütungs- und -entschädigungsgesetz) betaald dienen te worden voor het opstellen van een deskundigenrapport over de verkoopwaarde van de onroerende zaak (punt 9005 van de tarievenlijst bij de Wet inzake gerechtskosten).
Voor de beslissing over een verzoek om een gerechtelijk bevel tot onderbeheerstelling of om toelating tot de procedure bedraagt de te betalen vergoeding 120,00 EUR. Voor de uitvoering van de procedure moet ook een jaarlijkse vergoeding worden betaald volgens een tarief van 0,5 punt, maar niet minder dan 144,00 EUR in het eerste kalenderjaar en 72,00 EUR in het laatste jaar. De hoogte van de vergoeding wordt vastgesteld op basis van de totale waarde van de opbrengst van het beheer van de zaak (artikel 55 van de Wet inzake gerechtskosten).
- e. Tenuitvoerlegging van de verplichting tot afgifte en een procedure met als doel iemand te dwingen iets te doen, iets te dulden of iets na te laten
Als de schuldenaar verplicht is om een roerende zaak af te geven, dan dient de gerechtsdeurwaarder hem de zaak te ontnemen en deze over te dragen aan de schuldeiser. Voor deze ambtshalve verrichting ontvangt de gerechtsdeurwaarder overeenkomstig punt 221 van de tarievenlijst bij de Wet inzake de kosten voor gerechtsdeurwaarders een vergoeding van 31,20 EUR. Naast deze vergoedingen worden overeenkomstig punt 500 van de tarievenlijst bij de Wet inzake de kosten voor gerechtsdeurwaarders, indien de inbeslagneming meer dan drie uur duurt, toeslagen geheven op basis van het door de gerechtsdeurwaarder opgestelde proces-verbaal. Deze toeslag bedraagt 24,00 EUR per aangevangen uur.
Als de schuldenaar een onroerende zaak dient af te geven, dient de gerechtsdeurwaarder hem het bezit te ontnemen en de schuldeiser in het bezit van de zaak te stellen (gedwongen uitzetting). Voor deze verrichting ontvangt de gerechtsdeurwaarder overeenkomstig punt 240 van de tarievenlijst bij de Wet inzake de kosten voor gerechtsdeurwaarders een vergoeding van 163,50 EUR. Bovendien worden overeenkomstig punt 500 van de tarievenlijst bij de Wet inzake de kosten voor gerechtsdeurwaarders, toeslagen van 24,00 EUR per aangevangen uur in rekening gebracht, indien de inbeslagneming meer dan drie uur duurt. Daarbovenop komen nog de door de gerechtsdeurwaarder betaalde voorschotten/onkosten conform sectie 7 van de tarievenlijst bij de Wet inzake de kosten voor gerechtsdeurwaarders, zoals voor het inschakelen van derden (bijvoorbeeld vervoerskosten, kosten voor de slotenmaker enz.).
Voor de gerechtelijke procedure die tot doel heeft de schuldenaar te dwingen een handeling te verrichten (ofwel doet de schuldenaar dat zelf ofwel wordt dat in zijn plaats gedaan door een andere persoon) of een handeling na te laten of een handeling te dulden, zijn 24,00 EUR gerechtskosten verschuldigd conform punt 2111 van de tarievenlijst bij de Wet inzake gerechtskosten.
3.2 De grondvoorwaarden
Maatregelen van gedwongen tenuitvoerlegging op verzoek van de schuldeiser zijn slechts toegestaan als de schuldeiser ter staving van zijn recht in het bezit van een executoriale titel is. Dat kan een in kracht van gewijsde gegaan of voorlopig uitvoerbaar verklaard eindvonnis zijn (artikel 704 ZPO) of een in artikel 794 ZPO genoemde executoriale titel (bijvoorbeeld gerechtelijke schikkingen, beschikkingen tot tenuitvoerlegging of notariële akten). De titel dient in principe de zogenaamde formule van tenuitvoerlegging te bevatten, waaruit blijkt dat de titel uitvoerbaar is (artikel 724 ZPO). Voor beschikkingen tot tenuitvoerlegging, beschikkingen tot conservatoir beslag en beschikkingen in kort geding is alleen in bepaalde gevallen een formule van tenuitvoerlegging vereist (artikel 796, artikel 929, lid 1, en artikel 936 ZPO). Verder kan pas met de tenuitvoerlegging worden begonnen als de titel al aan de schuldenaar is betekend of als deze gelijktijdig is betekend (artikel 750, lid 1, ZPO).
4 Het doel en de aard van tenuitvoerleggingsmaatregelen
4.1 Welke soorten activa kunnen voorwerp van tenuitvoerlegging zijn?
De roerende zaken, vorderingen en andere vermogensrechten en de onroerende zaken van de schuldenaar kunnen worden onderworpen aan executiemaatregelen.
In artikel 811 ZPO worden bepaalde materiële zaken opgesomd waarop geen beslag kan worden gelegd, zodat de schuldenaar en de personen in zijn huishouden een minimumaantal voorwerpen behouden die bijvoorbeeld noodzakelijk zijn voor hun persoonlijke behoeften of de uitoefening van hun professionele activiteit.
Er gelden eveneens beperkingen voor beslag op het inkomen uit arbeid van de schuldenaar. Derhalve zijn in de artikelen 850 en volgende ZPO bepaalde bedragen vastgesteld waarop geen beslag mag worden gelegd en die in het bezit van de schuldenaar moeten blijven, om te garanderen dat hij over een bestaansminimum beschikt. De tegoeden op een rekening kunnen tegen beslag worden beschermd op een zogenaamde “Pfändungsschutzkonto” (artikel 850k ZPO). Wat dit laatste betreft, is een bepaald niet voor beslag vatbaar bedrag niet vatbaar voor beslag, ongeacht de herkomst van het krediet; daarnaast kunnen andere niet voor beslag vatbare toeslagen gerechtvaardigd zijn voor de kredietinstelling (artikel 899 e.v. ZPO).
4.2 Wat zijn de gevolgen van tenuitvoerleggingsmaatregelen?
- Voor de schuldenaar
- De tenuitvoerlegging van een vordering op het roerende vermogen van de schuldenaar gebeurt door middel van beslag en tegeldemaking van de in beslag genomen zaken. Het beslag is een overheidshandeling die leidt tot de inbeslagneming van het voorwerp. Het belangrijkste gevolg van de inbeslagneming is dat de schuldenaar de bevoegdheid om over het voorwerp te beschikken wordt ontnomen.
- Voor de schuldeiser
- Door het beslag verwerft de schuldeiser een pandrecht op het in beslag genomen voorwerp (artikel 804, lid 1, ZPO). Dit is een recht om het in beslag genomen voorwerp te gelde te maken en om uit de opbrengst daarvan genoegdoening te krijgen.
- Voor derden
- In geval van derdenbeslag van vorderingen van de schuldenaar jegens derden heeft deze derde niet langer het recht om de in beslag genomen vordering te betalen aan de schuldenaar. Hij kan zijn schuld alleen nog inlossen door geld te betalen aan de schuldeiser die aanspraak maakt op die vordering. Als de derde deze verplichting niet nakomt, kan van hem een schadevergoeding worden geëist. Als de gerechtsdeurwaarder beslag heeft gelegd op roerende zaken die niet van de schuldenaar maar van een derde zijn, kan laatstgenoemde door middel van derdenverzet bezwaar maken tegen de inbeslagneming van zijn zaak (artikel 771 ZPO).
4.3 Welke geldigheid hebben deze maatregelen?
Uitvoerbare vorderingen en rechten die voortkomen uit een schikking of een uitvoerbare akte verjaren na dertig jaar overeenkomstig artikel 197 van het Bürgerliches Gesetzbuch (BGB, Duits Burgerlijk Wetboek). Binnen die verjaringstermijn kan de schuldeiser te allen tijde executiemaatregelen laten uitvoeren. Met betrekking tot de verjaringstermijn gelden met name de volgende regels: Overeenkomstig artikel 212, lid 1, punt 2, BGB begint de verjaringstermijn opnieuw te lopen wanneer de schuldeiser binnen die termijn om een gerechtelijke of administratieve uitvoeringshandeling verzoekt of deze verricht. De tot dan toe verstreken tijd wordt dus niet in aanmerking genomen voor de berekening van de verjaringstermijn.
5 Is er een mogelijkheid tot beroep tegen de beslissing om een dergelijke maatregel toe te staan?
Het Duitse recht heeft geen algemene procedure voor de goedkeuring van de tenuitvoerlegging van Duitse titels. Daarom is hiervoor ook niet in een specifiek rechtsmiddel voorzien.
Voor buitenlandse titels die op grond van bilaterale of multilaterale internationale verdragen in Duitsland ten uitvoer moeten worden gelegd, is doorgaans een verklaring van uitvoerbaarheid door een Duits gerecht vereist. Het bevoegde gerecht is de regionale rechtbank (Landgericht) in het rechtsgebied waar de schuldenaar zijn woonplaats heeft (artikel 3 van de wet inzake de toepassing van intergouvernementele verdragen en de tenuitvoerlegging van overeenkomsten van de Europese Unie betreffende de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken). Als de schuldenaar geen woonplaats op het nationale grondgebied heeft, ligt de bevoegdheid bij het gerecht in de plaats waar de gedwongen tenuitvoerlegging plaats moet vinden. De rechter beslist zonder de schuldenaar te horen (artikel 6, lid 1, van de wet inzake de toepassing van intergouvernementele verdragen en de tenuitvoerlegging van overeenkomsten van de Europese Unie betreffende de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken). Tegen de beslissing van de regionale rechtbank over het verzoek om een formule van tenuitvoerlegging kan op grond van artikel 11 van de wet inzake de toepassing van intergouvernementele verdragen en de tenuitvoerlegging van overeenkomsten van de Europese Unie betreffende de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken hoger beroep worden ingesteld. Het beroep wordt ingesteld door indiening van een beroepschrift of een verklaring in proces-verbaal. De appelrechter is de hogere regionale rechtbank (Oberlandesgericht).
Daarentegen vereisen Europese betalingsbevelen op grond van Verordening (EG) nr. 1896/2006, Europese tenuitvoerleggingsbevelen op grond van Verordening (EG) nr. 805/2004, waarvoor in een andere EU-lidstaat een certificaat is afgegeven, en bevelen die in een andere EU-lidstaat zijn uitgevaardigd in een procedure op grond van Verordening (EG) nr. 861/2007 of Verordening (EU) nr. 1215/2012, niet dat een Duits gerecht een verklaring van uitvoerbaarheid afgeeft (artikel 794 ZPO).
In het kader van de tenuitvoerleggingsprocedure kan de schuldenaar de tegen hem genomen maatregelen en beslissingen aanvechten. Hij beschikt over de zogenaamde Erinnerung tegen de wijze waarop de gedwongen tenuitvoerlegging is uitgevoerd (artikel 766 ZPO). De schuldenaar kan beslissingen die tijdens de tenuitvoerlegging zonder mondelinge behandeling zijn genomen, aanvechten door middel van onmiddellijk beroep (artikelen 793 en 567 ZPO). Dit beroep dient binnen twee weken te worden aangetekend bij de rechter van wie de beslissing wordt aangevochten of bij het gerecht dat optreedt als beroepsrechter.
In het geval van buitenlandse titels waarvoor een verklaring van uitvoerbaarheid is vereist, geldt dit echter pas nadat de formule van tenuitvoerlegging vooraf is verleend.
Als de schuldenaar een rechtsmiddel aanwendt, heeft dat geen invloed op de voortzetting van de lopende tenuitvoerleggingsprocedure en wordt de procedure niet opgeschort.
Ook de andere procespartijen (bv. schuldeisers) kunnen van een rechtsmiddel (Erinnerung en onmiddellijk beroep) gebruikmaken.
6 Zijn er beperkingen aan tenuitvoerlegging, in het bijzonder wat bescherming van de schuldenaar of termijnen betreft?
Beslag op alle goederen van de schuldenaar (Kahlpfändung) is niet toegestaan. Er bestaan verschillende beschermende bepalingen om het levensonderhoud van de schuldenaar en zijn ten laste komende familieleden te waarborgen (zie punt 4.1 hierboven).
Er mag ook geen beslag worden gelegd op meer dan wat nodig is om de schuldeiser te voldoen en de kosten van de tenuitvoerlegging te dekken (verbod op buitensporig beslag, artikel 803 ZPO).
Bijlage 1 (bijlage 2 bij artikel 34, lid 3, van de Wet inzake gerechts- en notariskosten)
| Zaakwaarde tot … € |
Kosten Tabel B … € |
Zaakwaarde tot … € |
Kosten Tabel B … € |
Zaakwaarde tot … € |
Kosten Tabel B … € |
| 500 | 15,00 | 200 000 | 435,00 | 1 550 000 | 2 615,00 |
| 1 000 | 19,00 | 230 000 | 485,00 | 1 600 000 | 2 695,00 |
| 1 500 | 23,00 | 260 000 | 535,00 | 1 650 000 | 2 775,00 |
| 2 000 | 27,00 | 290 000 | 585,00 | 1 700 000 | 2 855,00 |
| 3 000 | 33,00 | 320 000 | 635,00 | 1 750 000 | 2 935,00 |
| 4 000 | 39,00 | 350 000 | 685,00 | 1 800 000 | 3 015,00 |
| 5 000 | 45,00 | 380 000 | 735,00 | 1 850 000 | 3 095,00 |
| 6 000 | 51,00 | 410 000 | 785,00 | 1 900 000 | 3 175,00 |
| 7 000 | 57,00 | 440 000 | 835,00 | 1 950 000 | 3 255,00 |
| 8 000 | 63,00 | 470 000 | 885,00 | 2 000 000 | 3 335,00 |
| 9 000 | 69,00 | 500 000 | 935,00 | 2 050 000 | 3 415,00 |
| 10 000 | 75,00 | 550 000 | 1 015,00 | 2 100 000 | 3 495,00 |
| 13 000 | 83,00 | 600 000 | 1 095,00 | 2 150 000 | 3 575,00 |
| 16 000 | 91,00 | 650 000 | 1 175,00 | 2 200 000 | 3 655,00 |
| 19 000 | 99,00 | 700 000 | 1 255,00 | 2 250 000 | 3 735,00 |
| 22 000 | 107,00 | 750 000 | 1 335,00 | 2 300 000 | 3 815,00 |
| 25 000 | 115,00 | 800 000 | 1 415,00 | 2 350 000 | 3 895,00 |
| 30 000 | 125,00 | 850 000 | 1 495,00 | 2 400 000 | 3 975,00 |
| 35 000 | 135,00 | 900 000 | 1 575,00 | 2 450 000 | 4 055,00 |
| 40 000 | 145,00 | 950 000 | 1 655,00 | 2 500 000 | 4 135,00 |
| 45 000 | 155,00 | 1 000 000 | 1 735,00 | 2 550 000 | 4 215,00 |
| 50 000 | 165,00 | 1 050 000 | 1 815,00 | 2 600 000 | 4 295,00 |
| 65 000 | 192,00 | 1 100 000 | 1 895,00 | 2 650 000 | 4 375,00 |
| 80 000 | 219,00 | 1 150 000 | 1 975,00 | 2 700 000 | 4 455,00 |
| 95 000 | 246,00 | 1 200 000 | 2 055,00 | 2 750 000 | 4 535,00 |
| 110 000 | 273,00 | 1 250 000 | 2 135,00 | 2 800 000 | 4 615,00 |
| 125 000 | 300,00 | 1 300 000 | 2 215,00 | 2 850 000 | 4 695,00 |
| 140 000 | 327,00 | 1 350 000 | 2 295,00 | 2 900 000 | 4 775,00 |
| 155 000 | 354,00 | 1 400 000 | 2 375,00 | 2 950 000 | 4 855,00 |
| 170 000 | 381,00 | 1 450 000 | 2 455,00 | 3 000 000 | 4 935,00 |
| 185 000 | 408,00 | 1 500 000 | 2 535,00 |
Bijlage 2 (bijlage 2 bij artikel 34, lid 1, derde zin, van de Wet inzake gerechtskosten)
| Vorderingen tot ... € |
Kosten ... € |
Vorderingen tot ... € |
Kosten ... € |
| 500 | 40,00 | 50 000 | 638,00 |
| 1 000 | 61,00 | 65 000 | 778,00 |
| 1 500 | 82,00 | 80 000 | 918,00 |
| 2 000 | 103,00 | 95 000 | 1 058,00 |
| 3 000 | 125,50 | 110 000 | 1 198,00 |
| 4 000 | 148,00 | 125 000 | 1 338,00 |
| 5 000 | 170,50 | 140 000 | 1 478,00 |
| 6 000 | 193,00 | 155 000 | 1 618,00 |
| 7 000 | 215,50 | 170 000 | 1 758,00 |
| 8 000 | 238,00 | 185 000 | 1 898,00 |
| 9 000 | 260,50 | 200 000 | 2 038,00 |
| 10 000 | 283,00 | 230 000 | 2 248,00 |
| 13 000 | 313,50 | 260 000 | 2 458,00 |
| 16 000 | 344,00 | 290 000 | 2 668,00 |
| 19 000 | 374,50 | 320 000 | 2 878,00 |
| 22 000 | 405,00 | 350 000 | 3 088,00 |
| 25 000 | 435,50 | 380 000 | 3 298,00 |
| 30 000 | 476,00 | 410 000 | 3 508,00 |
| 35 000 | 516,50 | 440 000 | 3 718,00 |
| 40 000 | 557,00 | 470 000 | 3 928,00 |
| 45 000 | 597,50 | 500 000 | 4 138,00 |
Deze website maakt deel uit van het portaal “Your Europe”.
Wij zouden graag uw opmerkingen ontvangen en horen of deze informatie nuttig was.