Overslaan en naar de inhoud gaan

Basisopleiding van rechters en openbare aanklagers in de Europese Unie

Finland
Inhoud aangereikt door
Finland
Flag of Finland

Rechters

Algemene omschrijving

Sinds 2017 zijn er in Finland voor opleidingsdoeleinden tijdelijke (driejarige) functies voor assessoren gecreëerd bij de hoven van beroep, de administratieve rechtbanken, de arbeidsrechtbank, de verzekeringsrechtbank en de handelsrechtbank. Deze periode kan om bijzondere redenen met maximaal twee jaar worden verlengd. Iemand die twee jaar als assessor werkzaam is, kan voor de resterende duur van zijn ambtstermijn ook een andere functie vervullen als rechter of referendaris bij het hoogste gerechtshof of het hoogste administratieve gerechtshof.

Link: Wet inzake de rechtbanken, hoofdstuk 18, artikel 1

De raad voor gerechtelijke opleiding besluit over de bekendmaking van een vacature voor de functie van assessor, de hernieuwde bekendmaking van een vacature, de verlenging van een sollicitatietermijn en de annulering van de bekendmaking van een vacature. De nationale gerechtelijke dienst zorgt voor de praktische voorbereiding van nieuwe vacatures en de indiening van een overzicht van de verdiensten van kandidaten bij de raad voor gerechtelijke opleiding.

Het aantal assessoren bedraagt momenteel 58.

Toegang tot de basisopleiding

Om als assessor te kunnen worden benoemd, moet de kandidaat een Fins staatsburger van bewezen integriteit zijn, die een masterdiploma in de rechten heeft behaald (geen masterdiploma internationaal en vergelijkend recht) en ten minste drie jaar ervaring heeft als rechter, referendaris of griffier van een rechtbank, openbaar aanklager, advocaat, juridisch adviseur of een andere juridische functie die kan worden geacht als voorbereiding te dienen voor de functie van rechter. Een verdere kwalificatie is dat de kandidaat geslaagd is voor een examen waaruit blijkt dat hij of zij kennis heeft van de belangrijkste wetgeving en de algemene beginselen betreffende de functie van rechter. De bepalingen van hoofdstuk 10, artikel 9, van de Wet inzake de rechtbanken hebben betrekking op de beheersing van de Finse en de Zweedse taal waarover assessoren moeten beschikken.

Link: Wet inzake de rechtbanken, hoofdstuk 18, artikel 2

De raad voor gerechtelijke opleiding bepaalt de nationale criteria voor de selectie van assessoren, die gebaseerd zijn op de wettelijke selectie- en benoemingscriteria. Volgens de wetgeving die momenteel in voorbereiding is (HE 7/2016 vp. s. 119 (HE = wetsvoorstel, alleen in het Fins)) wordt de sollicitatie beoordeeld op basis van de academische resultaten, de werkervaring en de overige kwalificaties van de sollicitant.

De raad voor gerechtelijke opleiding organiseert eenmaal per jaar in januari een voorselectie. Alle kandidaten nemen deel aan het examen. Tijdens het examen moet de kandidaat aantonen dat hij op de hoogte is van de belangrijkste wetgeving en de algemene beginselen die gelden voor de uitoefening van het ambt van rechter. Het examenmateriaal voor de voorselectie bestaat gewoonlijk uit juridische artikelen en casestudy’s. De beoordeling van het examen luidt ofwel geslaagd ofwel niet geslaagd.

De academische resultaten, werkervaring en overige kwalificaties van de kandidaten die voor de voorselectie zijn geslaagd, worden beoordeeld aan de hand van de door de raad voor gerechtelijke opleiding vastgestelde criteria. De voorselectie van assessoren wordt bevestigd door de raad voor gerechtelijke opleiding, waarna de rechtbanken waarvoor de assessoren worden geselecteerd de kandidaten verder beoordelen op basis van sollicitatiegesprekken. De rechtbanken doen een voordracht aan het hoogste gerechtshof en het hoogste administratieve gerechtshof op basis van de voorselectie en hun eigen beoordeling. De assessoren worden benoemd door het hoogste gerechtshof en het hoogste administratieve gerechtshof.

Vorm en inhoud van de basisopleiding

Het doel van de opleiding van assessoren is hun juridische kennis en rechterlijke vaardigheden te vergroten en hen in staat te stellen onafhankelijke rechterlijke beslissingen te nemen, ook in uitgebreide en ingewikkelde zaken. Tijdens hun ambtstermijn nemen assessoren op hun opleidingslocatie deel aan het opleidingsprogramma dat door de raad voor gerechtelijke opleiding is ontwikkeld op basis van de voor hen opgestelde persoonlijke opleidingsplannen.

Link: Wet inzake de rechtbanken, hoofdstuk 18, artikel 4

De raad voor gerechtelijke opleiding is verantwoordelijk voor de planning van het opleidingsprogramma voor assessoren en de nationale gerechtelijke dienst is verantwoordelijk voor het organiseren van de opleidingssessies die deel uitmaken van het opleidingsprogramma.

Link: Wet inzake de rechtbanken, hoofdstuk 19a, artikel 2, alinea 2, punt 4

Het driejarige opleidingsprogramma bestaat uit leren op de werkplek en opleidingssessies met opdrachten, feedback en beoordeling. Iedere assessor krijgt een tutor (rechter) toegewezen die het leren op de werkplek begeleidt, hem of haar ondersteunt en als sparringpartner optreedt. Tot de evaluatiemethoden voor de opleiding tot assessor behoort ook het bijhouden van een leerdagboek gedurende het hele programma.

De assessoren zijn onderverdeeld in twee groepen. De beroepsgroep van het hof van beroep bestaat uit assessoren die werkzaam zijn bij de hoven van beroep en de tweede beroepsgroep bestaat uit assessoren die werkzaam zijn bij de administratieve rechtbanken en bijzondere rechtbanken.

De studiegids voor assessoren bevat informatie over de structuur van de opleiding, de opleidingssessies voor assessoren en de daarmee verband houdende voorafgaande opdrachten.

De door de nationale gerechtelijke dienst georganiseerde opleidingssessies voor alle assessoren of groepen assessoren zijn onderdeel van de eerste twee jaar van het beoordelingsproces. Verplichte onderdelen in het eerste jaar zijn onder meer een eendaagse cursus Europees recht en een eendaagse cursus over de methoden van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Een verplicht onderdeel in het tweede jaar is een eendaagse verdiepingscursus Europees recht. Keuzeonderdelen in het tweede en derde jaar omvatten negen studiedagen die op basis van de individuele behoeften van de assessor als facultatieve opleiding in het persoonlijke opleidingsplan van de assessor worden opgenomen. Voor de facultatieve onderdelen kan worden gekozen voor deelname aan opleidingen die de nationale gerechtelijke dienst landelijk aanbiedt. Deelname aan de door het ENJO georganiseerde Themis-wedstrijd is ook een mogelijk keuzeonderdeel. Het facultatieve deel van de opleiding omvat ook maximaal vijf dagen facultatieve studieactiviteiten, zoals ENJO- of ERA-cursussen (met uitzondering van taalcursussen en uitwisselingen van rechters).

Afronding van de basisopleiding en de kwalificatieprocedure

Een assessor die zijn of haar functie gedurende minimaal drie jaar heeft vervuld, moet een eindscriptie indienen of slagen voor een eindexamen waaruit de vaardigheden en kennis blijken die vereist zijn in gerechtelijke functies. Het examen wordt georganiseerd door de raad voor gerechtelijke opleiding. Een assessor die het opleidingsprogramma met succes heeft voltooid en wiens eindscriptie is goedgekeurd of die geslaagd is voor het eindexamen, mag de titel “opgeleid als rechter” voeren. Dit recht wordt op verzoek verleend door de raad voor gerechtelijke opleiding.

Link: Wet inzake de rechtbanken, hoofdstuk 18, artikel 6, lid 2

Als eindscriptie in het kader van de Wet inzake de rechtbanken stellen assessoren een portfolio samen om de ontwikkeling van hun vaardigheden tijdens het driejarige opleidingsprogramma aan te tonen. Deze portfolio’s worden niet beoordeeld. Zij worden gecontroleerd om er zeker van te zijn dat de vereiste prestaties zijn geleverd, d.w.z. er moet een beschrijving van de ambtstermijn van de assessor en zijn uitspraken worden gegeven, en voorbeelden van de schriftelijke opdrachten die voor bepaalde opleidingsdagen zijn gemaakt. De assessor presenteert aan het eind van het derde jaar tijdens het laatste seminar van het studieprogramma een samenvatting van zijn/haar portfolio. Er wordt geen daadwerkelijk eindexamen afgenomen omdat dit wordt vervangen door het bovengenoemde portfolio.

De assessor kan aan het einde van zijn ambtstermijn via de normale sollicitatieprocedures naar andere functies solliciteren. De eerste assessoren die het opleidingsprogramma hebben afgerond, zijn met succes geplaatst bij de rechterlijke macht. Het aantal assessoren in Finland is zo klein dat de kwalificaties voor de functie van rechter over het algemeen kunnen worden verkregen door te werken bij een rechtbank of in een ander juridisch beroep.

Meer informatie: oikeus.fi (ook in het Engels) biedt algemene informatie over de activiteiten van de rechterlijke autoriteiten.

Openbare aanklagers

Algemene omschrijving

Het opleidingsteam bij het bureau van de procureur-generaal is verantwoordelijk voor de opleiding van openbare aanklagers. Het team plant en verzorgt opleidingen in samenwerking met officieren van justitie, gespecialiseerde officieren van justitie, universiteiten en andere belanghebbenden. De meeste opleidingscursussen worden gegeven door openbare officieren van justitie en gespecialiseerde officieren van justitie van het landelijke openbaar ministerie. De opleiding van aanklagers bestaat uit initiële, algemene, gevorderde en gespecialiseerde cursussen.

De basisopleiding voor openbaar aanklager bestaat uit een starterscursus en een basiscursus voor openbare aanklagers. De starterscursus voor openbare aanklagers is een oriëntatieprogramma voor nieuwe openbare aanklagers en de basiscursus biedt een verdere verdieping van de vaardigheden en kennis van openbare aanklagers. De basisopleiding maakt deel uit van de opleiding van alle officieren van justitie.

Toegang tot de basisopleiding

Een nieuwe openbaar aanklager komt eerst in dienst als junior openbaar aanklager. Tijdens deze periode maken zij zich vertrouwd met het landelijke openbaar ministerie en de werkzaamheden daarvan, alsook met het werk van officier van justitie en diens rol in strafprocedures. Ook doorlopen zij de starterscursus voor openbare aanklagers.

De periode als junior openbaar aanklager biedt zowel de werkgever als de openbaar aanklager de mogelijkheid om te beoordelen of de openbaar aanklager in staat is om in deze rol op te treden. Het biedt de openbare aanklagers ook de gelegenheid om te beoordelen of zij daadwerkelijk geïnteresseerd zijn in het beroep. Na als junior openbaar aanklager te hebben gewerkt, voeren de werkgever en de junior openbaar aanklager een beoordelingsgesprek voordat een beslissing wordt genomen of de persoon zijn werk als openbaar aanklager van een district voortzet.

Vorm en inhoud van de basisopleiding

De starterscursus voor openbare aanklagers is een onlinecursus die alle belangrijke onderwerpen voor nieuwe openbare aanklagers behandelt, met inbegrip van het vereiste studiemateriaal en de vereiste opdrachten. Hierbij wordt onder meer ingegaan op de rol van de openbaar aanklager in strafprocedures, de besluitvorming en de mogelijkheden waarover een openbaar aanklager beschikt, de beperking van het vooronderzoek en het sepot, de rol van de openbaar aanklager bij een districtsrechtbank en zaken die publiciteit met zich meebrengen.

Het opleidingsprogramma omvat ook “dagen voor nieuwe openbaar aanklagers”, d.w.z. opleidingsevenementen in de vorm van klassikaal onderwijs, alsook allerlei onlinecursussen. Tijdens de oriëntatieperiode wordt de kandidaat ondersteund en begeleid door een persoonlijke mentor, een ervaren officier van justitie die meestal bij hetzelfde parket werkzaam is, hoewel begeleiding op afstand steeds vaker voorkomt.

De basisopleiding voor openbaar aanklager bestaat uit vier afzonderlijke cursussen, die in totaal elf dagen klassikaal onderwijs omvatten. Doel van de cursus is inzicht krijgen in de rol van de openbaar aanklager in het gerechtelijk vooronderzoek en het belang van samenwerking, zich bewust zijn van de beschikbare mogelijkheden tijdens het gerechtelijk vooronderzoek, vertrouwd raken met de elementaire aspecten van de voorbereiding van een tenlastelegging, inzicht krijgen in het belang en de inhoud van een dagvaarding, leren gebruikmaken van de andere instrumenten waarover een openbaar aanklager beschikt, inzicht krijgen in het verloop van een proces, de daarmee samenhangende fasen en de beroepsprocedure, en zich de strafrechtelijke rechtsbeginselen volledig eigen maken.

Afronding van de basisopleiding en de kwalificatieprocedure

Over het algemeen duurt het ongeveer twee jaar om de basisopleiding af te ronden, waarna de persoon geschikt wordt geacht om openbaar aanklager te worden. Er zijn geen examens. Wanneer deze fase is afgerond, gaat de betrokkene verder met de algemene en gevorderde cursus.

Een technisch/inhoudelijk probleem melden of feedback geven op deze pagina