Overslaan en naar de inhoud gaan

Digitaliseringsverordening — Kennisgevingen van de lidstaten

Luxemburg

Deze pagina bevat informatie over de kennisgevingen die de lidstaten op grond van Verordening (EU) 2023/2844 hebben gedaan.

Inhoud aangereikt door
Luxemburg
Flag of Luxembourg

1. Nationale IT-portalen voor de communicatie met rechtbanken of andere autoriteiten

Luxemburg beschikt momenteel niet over een nationaal IT-portaal dat kan worden gebruikt om te communiceren met rechtbanken en autoriteiten in gerechtelijke procedures of om deel te nemen aan gerechtelijke procedures die binnen het toepassingsgebied van deze verordening vallen.

2. Nationaal recht inzake videoconferenties in burgerlijke en handelszaken

Er is momenteel geen nationale wetgeving voor videoconferenties in burgerlijke en handelszaken en er zijn evenmin nationale procedures voor.

3. Nationaal recht inzake videoconferenties in strafzaken

In het algemeen bepaalt het wetboek van strafvordering (code de procédure pénale) met betrekking tot audiovisuele telecommunicatie en audioconferenties het volgende:

Artikel 553.

(1) (L. 29 juli 2023) De verklaring, het verhoor of de ondervraging van een persoon en de confrontatie tussen meerdere personen kunnen plaatsvinden op verschillende plaatsen op het grondgebied van het Groothertogdom Luxemburg die met elkaar verbonden zijn, of tussen het grondgebied van het Groothertogdom Luxemburg en dat van een lidstaat van de Europese Unie in het kader van de tenuitvoerlegging van een EOB door middel van audiovisuele telecommunicatie waarbij de vertrouwelijkheid van de overdracht wordt gewaarborgd. Indien de persoon als getuige of deskundige wordt gehoord, kan een audioconferentie worden vervangen door audiovisuele telecommunicatie.

(2) Tegen de beslissing van de bevoegde rechter of magistraat om gebruik te maken of te laten maken van audiovisuele telecommunicatie of audioconferentie kan geen beroep worden ingesteld.

Artikel 554.

(1) De bevoegde rechter of magistraat benoemt een ambtenaar of agent van de gerechtelijke politie die de identiteit controleert van de persoon die wordt opgeroepen om te getuigen, te worden verhoord, ondervraagd of geconfronteerd, en die tijdens de proceshandeling bij die persoon aanwezig is.

De betrokkene wordt geacht te zijn verschenen.

(2) Na afloop van de verrichting stelt de ambtenaar of agent van de gerechtelijke politie een proces-verbaal op, dat door de betrokkene wordt ondertekend.

De datum en de plaats van het verhoor, de ondervraging of de confrontatie, de identiteit van de betrokkene, de identiteit en de hoedanigheid van de andere aanwezige personen, de eventuele eedaflegging en de technische omstandigheden waaronder de verrichting heeft plaatsgevonden, worden in het proces-verbaal vermeld.

Indien de wet de ondertekening van het processtuk door de betrokkene vereist, staat de ondertekening van het proces-verbaal gelijk aan de ondertekening van dat processtuk. Indien de betrokkene weigert dit te ondertekenen, wordt dit in het proces-verbaal vermeld.

Artikel 555.

Wanneer de betrokkene gedetineerd is, wordt de functie van de ambtenaar of agent van de gerechtelijke politie als bedoeld in artikel 554 uitgeoefend door een van de personeelsleden van het gevangeniswezen.

Artikel 556.

Indien de betrokkene wordt bijgestaan door een advocaat, mag de advocaat zich bij de betrokkene zelf bevinden of bij de bevoegde rechter of magistraat.

Indien een advocaat zich bij de bevoegde rechter of magistraat bevindt, heeft hij recht op een voorafgaand onderhoud met de persoon die hij op vertrouwelijke basis bijstaat, door middel van audiovisuele telecommunicatie of een audioconferentie.

Artikel 557.

Van de verklaring, het verhoor, de ondervraging of de confrontatie wordt een audiovisuele opname of, in het geval van een audioconferentie, een geluidsopname bij het dossier gevoegd, die als bewijs dient. Het origineel wordt verzegeld. De kopieën worden geïnventariseerd en aan het dossier toegevoegd. Opnamen kunnen door de aangewezen deskundigen en de partijen worden beluisterd of bekeken onder dezelfde voorwaarden als gelden voor de toegang tot het dossier.

Aanvullende informatie:

Voor audiovisuele telecommunicatie zoals videoconferenties wordt software van Webex of Avaya gebruikt.

4. Vergoedingen voor procedures in burgerlijke en handelszaken

De Luxemburgse rechtbanken brengen in het kader van procedures die aanhangig zijn gemaakt op grond van de in bijlage I vermelde rechtshandelingen, geen kosten in rekening.

Wanneer een procedure op grond van de in bijlage I vermelde rechtshandelingen vereist dat een partij een gerechtsdeurwaarder inschakelt om betekening te verrichten overeenkomstig het nationale recht of Verordening (EU) nr. 2020/1784, zijn de verschuldigde kosten vastgesteld in de gewijzigde groothertogelijke verordening van 24 januari 1991 tot vaststelling van de vergoeding van gerechtsdeurwaarders (règlement grand-ducal portant fixation du tarif des huissiers de justice). Voor Verordening (EU) nr. 2020/1784 bedragen de kosten 165,— euro.

Op grond van Verordening (EU) nr. 650/2012 brengen notarissen voor het opstellen van Europese erfrechtverklaringen een vergoeding per vacatie in rekening, afhankelijk van de complexiteit van het certificaat. Het huidige vacatietarief bedraagt 99,53 euro.

Het aanhangig maken van een geschil bij de civiele rechter (‘saisine du juge civil’) brengt over het algemeen geen andere vaste kosten met zich dan de kosten van de gerechtsdeurwaarder en de advocaat. In beginsel zijn er geen kosten verbonden aan het inschakelen van de civiele rechter. Nadat het vonnis is gegeven, kunnen er echter wel kosten ontstaan in verband met de tenuitvoerlegging van de beslissing en op verzoek van de in het gelijk gestelde partij.

5. Elektronische betalingsmethoden

Indien van toepassing kunnen betalingen worden verricht door middel van een online bankoverschrijving. (e-banking)

6. Kennisgeving over het vroegtijdige gebruik van het gedecentraliseerde IT-systeem

Luxemburg kan momenteel niet bevestigen dat het gedecentraliseerde IT-systeem vroegtijdig in gebruik zal worden genomen.

7. Kennisgeving over het vroegtijdige gebruik van videoconferenties in burgerlijke en handelszaken

Luxemburg kan momenteel niet bevestigen dat artikel 5 van Verordening (EU) 2023/2844 vroegtijdig zal worden toegepast.

8. Kennisgeving over het vroegtijdige gebruik van videoconferenties in strafzaken

Luxemburg kan momenteel niet bevestigen dat artikel 6 van Verordening (EU) 2023/2844 vroegtijdig zal worden toegepast.

Een technisch/inhoudelijk probleem melden of feedback geven op deze pagina